ANS kijkt: Phantom Thread (2017)

Phantom Thread is de tweede samenwerking tussen regisseur Paul Thomas Anderson en de legendarische acteur Daniel Day-Lewis. De film, die vanaf 1 maart in Nederland te zien is, trok bij voorbaat veel aandacht bij het grote publiek. Dit werd nog eens versterkt door het feit dat dit, vermoedelijk, de laatste film is waarin Day-Lewis speelt. Daarbij komt dat de film voor alle grote Oscars genomineerd is, zoals Beste Film, Beste Acteur en Beste Regisseur. De vorige samenwerking tussen Day-Lewis en Anderson, There Will be Blood, bezorgde Day-Lewis zijn derde Oscar. De vraag is of Day-Lewis nu met zijn laatste film weer een Oscar binnen weet te slepen.

Tekst: Ramadan Hasani

OCD-ish?
Phantom Thread is het verhaal van Reynolds Woodcock (Day-Lewis), een excentrieke doch talentvolle en vooraanstaande modeontwerper van de Britse koninklijke familie en andere edellieden. Het vertrouwde leven van Woodcock wordt verstoord wanneer hij Alma (Vicky Krieps) leert kennen, een eigenzinnige jonge serveerster die zijn geliefde en muse wordt. Het conflict in de film draait voornamelijk om deze twee personages. Daarnaast woont Reynolds samen met zijn zus, Cyril (Lesley Manville). Gezien de merkwaardige persoonlijkheid van Reynolds, fungeert Cyril als een mantelzorger, contactpersoon en secretaresse voor zijn modehuis. Dit zodat hij zich op het werk kan focussen en zij met de mensen om kan gaan. Het verhaal laat ook een interessante tweestrijd zien tussen werk en liefde. We zien namelijk dat Reynolds eigenaardigheden heeft die hem niet altijd helpen. Hij heeft een rigide dagstructuur, kan niet tegen geluid tijdens het ontbijt, is veeleisend en gevoelig voor veranderingen. Deze interne gebreken zorgen ervoor dat zijn relatie met Alma weleens rammelt. Hierdoor vraag je je als kijker af in hoeverre er een phantom threadis tussen Alma en Reynolds.

Oscarwaardig
De personages in de film zijn uitgewerkt op een manier die organisch en natuurlijk aanvoelt. De acties van de personages komen goed overeen met hun karakters. De film laat een interessante sociale dynamiek zien tussen Reynolds, zijn zus Cyril en Alma. Alma is de buitenstaander die in deze wereld van haute couture wordt geïntroduceerd. Immers was ze maar een serveerster voordat ze Reynolds leerde kennen. De ontwikkeling van de relaties in de film is interessant om te zien. In een scène zien we bijvoorbeeld dat Alma de rol van Cyril als contactpersoon voor Reynolds wil overnemen wanneer ze de vragen van iemand in koor beantwoorden. Hier is ook te zien dat Alma een sterke persoonlijkheid heeft en daadkrachtig is in haar wensen en verlangen. 

Day-Lewis is als enige bekroond met drie Oscars voor beste acteur. Hoewel Reynolds Woodcock niet de extreme persoonlijkheden van Day-Lewis' andere rollen heeft, is het toch subliem geacteerd. Day-Lewis is op deze manier ook een mooie afspiegeling van zijn personage. Hij acteert met een verfijning en een nuance die in overeenstemming is met zijn personage en zijn werk. Zijn medespelers Vicky Krieps (Alma) en Lesley Manville (Cyril) zijn overigens net zo verfijnd in hun werk en doen zeker niet onder aan Day-Lewis.

Filmisch gefilmd
Phantom Thread wordt gekarakteriseerd door een prachtige cinematografie. De locaties zijn uiteenlopend en prachtig in beeld gebracht. De werkplek van Reynolds is een prestigieus herenhuis in de chique wijk Fitzrovia in Londen. Daarnaast zien we ook de glooiende heuvels van het nabijgelegen platteland. De orkestrale muziek versterkt deze visuele pracht verder en je bent al gauw ondergedompeld in de wereld van Londen in de jaren 50 en de landschappen van Engeland. Net zoals de locaties is er ook aan de kleding in de film zorgvuldig aandacht besteed. De manier waarop de camera de contouren van de kleding volgt en de focus vaak legt op de kleding zorgt ervoor dat het publiek snel in de wereld van Reynolds komt.

Thee is niet altijd welkom
De briljante humor in de film is een aangename verassing en onderscheidt Phantom Thread van andere romantische films. Het vermijdt de typische melodramatische scenes van conventionele romantische films. De humor maakt het verhaal niet minder geloofwaardig, maar weet de film juist te verheffen. Het voegt een realiteit toe aan de personages en de wereld die wordt geschetst in de film. Veel van de humor is bovendien geïmproviseerd, dit gaf de acteurs de kans om de personages nog levendiger te maken. Een specifiek voorbeeld hiervan, dat tegelijkertijd de eigenaardigheid van Reynolds behelst, is wanneer Alma thee brengt en Day-Lewis reageert met: 'The tea is going out. The interruption is staying right here with me.' De regisseur heeft bekend gemaakt dat dit zijn favoriete ad-lib moment was van de film.

Heel simpel gezegd is Phantom Thread een geweldige film. Als een Zwitsers zakhorloge werken meerdere delen in deze film in perfecte harmonie samen en creëren zo een filmisch meesterwerk. Deze precisie zien we ook terug wanneer Reynolds tegen zijn muse en geliefde Alma zegt: 'Whatever you do, do it carefully.'

 

Lees meer

ANS kijkt: Rampage: Big Meets Bigger (2018)

Rampage: Big Meets Bigger is gebaseerd op een arcadespel uit 1986. In dit spel kan je als ofwel een gorilla, weerwolf of hagedis steden slopen terwijl je wordt aangevallen door soldaten. De opzet voor het spel is vrij simpel, maar effectief en leuk voor zijn tijd. Helaas volgt de film precies deze zelfde simpliciteit en kan het zich moeilijk onderscheiden van de Jurassic Park films en monsterfilms alsKing Kong enGodzilla. De verhaalstructuur waarin een monster de stad sloopt en een actiefiguur de stad gaat redden is hiervoor al te vaak uitgevoerd.

Tekst: Siebe Konst

Bigger is better?
George, een zeldzame albino zilverrug gorilla en tegenspeler van Dwayne "the Rock" Johnson, leeft in het begin van de film een zorgeloos en veilig bestaan in een dierentuin in San Diego. Dit verandert wanneer hij wordt geïnfecteerd met een serum dat, puur toevallig, precies in zijn hok terechtkomt. Het serum laat hem in een aantal dagen uitgroeien tot een monster van pakweg tachtig meter hoog. George en zijn nieuwe kameraden worden door het serum bovendien vijandig tegen mensen. Aan Johnson de taak om deze dieren te stoppen en George te redden. Dit wil hij bereiken door op zoek te gaan naar een tegengif en moet hierdoor natuurlijk langs de monsters, die zich inmiddels alle drie hebben verplaatst naar Chicago. Om het nog ingewikkelder te maken, wordt zijn zoektocht bemoeilijkt door speciaal agent Harvey Russel, gespeeld door Jeffrey Dean Morgan. Hiernaast moet Johnson het opnemen tegen het bedrijf achter het serum: Energyn. Het plot is zoals te raden valt niet erg indrukwekkend. Morgan speelt een enigszins leuke rol die vergelijkbaar is met zijn rol als charismatische slechterik Negan in The Walking Dead. Veel voegen de andere personages echter niet toe, want alles draait toch om Johnson.

Spierbal versus drie monsters
Johnson speelt in deze simpele en weinig verassende actiefilm de primatoloog Davis Okoye. Okoye heeft naast deze fulltime baan blijkbaar ook nog genoeg tijd om regelmatig een bezoek te brengen aan de sportschool en kan goed overweg met vrijwel elk wapen. Hiernaast beschikt hij ook nog eens over een flinke dosis oneliners. Johnson is bekend van eerdere actiefilms als The Fast and the Furious, Pain & Gainen San Andreas en zijn rol als opgepompte badass in Rampage is dan ook weinig verrassend. Het plot van Rampage draait voor een groot deel om Johnson die de wereld gaat redden met zijn spierballen, voertuigen en een arsenaal aan wapens. Het lijkt een onmogelijke taak, maar Johnson flikt het toch weer in deze lachwekkende monsterfilm. Het enige verschil met soortgelijke films is dat Johnson een vriendschapsrelatie met de gorilla heeft ontwikkeld. Hierdoor is het simpelweg omleggen van alle drie de monsters geen optie. De krokodil en de wolf apart nemen en uitschakelen kan helaas ook niet doordat de gorilla ook zonder verklaarbare reden vredelievend is voor zijn twee veel te grote soortgenoten. Dit terwijl deze drie elkaar nog nooit ontmoet hebben en uit verschillende delen van Amerika komen.

Futuristische natuurdocumentaire 
Hetgeen dat mensen naar de bioscoop trekt zijn de drie monsters die erg mooi in beeld zijn gebracht. Dit zijn de echte sterren in Rampage. Gedurende de film wordt de gehele stad gesloopt en ook dit ziet er allemaal erg imposant uit. Het plot krijgt hierdoor echter weinig ruimte en de karakters zijn zo basaal als wat. Het is dan ook een goed gekozen strategie van de regisseurs en acteurs om de rollen niet al te serieus te nemen. Toch zou de film met alleen maar de drie beesten erin weinig in kwaliteit verschillen met de huidige versie. Een soort futuristische natuurdocumentaire zonder acteurs en onnodige zijplots, met alleen maar beelden van de dieren had ook volstaan. Rampage is namelijk tot de nok toe gevuld met oneliners die weinig toevoegen en het was dan ook beter geweest als de karakters een voorbeeld zouden nemen aan hun grotere, stillere tegenspelers. Dat het weinig inhoudelijke introductieverhaal niet al te lang duurt is dan ook een pluspunt. Het slopen van de stad en het nodige man versus beest geweld kan hierdoor snel beginnen. Deze actie zet zich het hele verhaal voort, met weinig rustmomenten voor het toch al onderontwikkelde plot. Hierdoor gaat de film tenminste niet vervelen. De korte duur van anderhalf uur scheelt ook.

Rampage leent zich perfect voor een avondje gedachteloos vermaak. Voor wie behoefte heeft aan spektakel, goede 3D-effecten en onrealistische scenario's is deze B-film zeker een bioscoopbezoek waard. Wil je diepgang en leuke karakters dan kan je beter de film overslaan. Mocht je de film toch nu willen zien is IMAX zeker een aanrader door het mooie geluid en het visuele spektakel.

 

Lees meer

ANS kijkt: Resistance (2019) ★★

Het is 1920 en Ierland loopt opnieuw over van politieke onrust. Tegen deze achtergrond probeert Ursula Sweeney (Simone Kirby) contact te houden met haar jonge zoontje. Omdat ze hem niet kan onderhouden, voedt de Katholieke Kerk hem op. De verantwoordelijke nonnen vinden een adoptiegezin, waardoor ouder en kind nagenoeg onherenigbaar gescheiden gaan worden. Om dit te voorkomen legt Ursula contact met de Irish Republican Army. Deze rebellen kunnen druk uitoefenen op de Kerk en Ursula kan hen in ruil daarvoor cruciale informatie toespelen. Ze werkt immers voor de autoriteiten. Op deze manier komen haar leven en dat van andere hoofdpersonages samen in het historische drama Resistance (2019).

Tekst: Dennis van der Pligt
Afbeelding: Verbeelding van de Paasopstand

Tijdens de openingsaflevering van Resistance wordt de toeschouwer geconfronteerd met een schot hagel aan informatie. Deze serie is de opvolger van Rebellion (2016), een vertelling over de Ierse Paasopstand van 1916. Dit seizoen speelt zich vier jaar later af in de chaos van een nieuwe poging van Ierland zich af te scheiden van het Britse rijk. Al met al een prima uitgangspunt voor intrige, geweld en pijn. Historische drama's hebben van nature de eigenschap moeilijke introducties te kennen. Van de kijker wordt immers nogal wat voorkennis over personen, termen en gebeurtenissen verwacht. Resistance is net zo en hoewel dat niet erg is, kent de serie grotere en problematischere hindernissen.

Verwarrend en een tikkeltje leeg
Nieuwe personages maken hun entree, oude hebben vier wilde jaren achter de rug. De rode draad van Ursula lijkt verdacht veel op die van May (Sarah Greene) uit het vorige seizoen. May werkte ook voor de overheid en was zwanger van een buitenechtelijk kind. Na even flink gefronst te hebben en een Imdb-check blijkt toch dat het twee verschillende personages zijn. Voor veel andere, 'nieuwe' personages geldt eveneens dat ze een symbolische opvolger zijn van voorgangers in Rebellion. Zo komt deze hervertelling van de Ierse revolutie waarschijnlijk net zo verwarrend over als de toestand in 1920 daadwerkelijk was. Voor de kijkers, echter, zou wat houvast het verhaal makkelijker te volgen maken.

Naast deze discontinuïteit zijn de achtergrondverhalen van nieuwe karakters nauwelijks ingevuld. Daardoor is het moeilijk om enige emotie te voelen. Jimmy Mahon (Brian Gleeson), een van de hoofdpersonages, heeft nog wel een redelijk karakterkleurboek, omdat hij al in Rebellion voorkwam. Wellicht dat zijn arme afkomst en zijn geloof in een betere wereld hem in de armen van Iers nationalisme geduwd hebben. Zijn broer Patrick Mahon (David Wilmot) dient daarentegen de autoriteiten als politieagent. Hoewel Patrick duidelijk worstelt met zijn gevoelens over de oorlog, wordt ons niks duidelijk gemaakt over zijn relatie met Jimmy. Was die voorheen goed of gingen ze altijd al hun eigen, aparte weg? Welke invloed heeft dat op de moeilijkheden waarin ze nu samen terecht zijn gekomen? Kijkers moeten zelf gissen naar wat voor broers de twee waren. Hierdoor wordt de interactie tussen de twee net iets te leeg om interessant te zijn.

Good guys, betere films
Omdat geweld nog altijd een gevoelig onderwerp is op het eiland Ierland, is iedere verfilming van een oorlog in het verleden gedoemd om gekleurd te zijn. Patrick dient als gezicht van Ieren die aan de verkeerde kant stonden. Dit besnorde gelaat wordt sympathiek weergegeven. In een tijd van groeiende, anti-Britse gevoelens is het immers goed om te beseffen dat de tegenstander goede en menselijke kanten kan hebben. Hoewel ze als individuen persoonlijke diepgang ontberen, vormen de personages als groep een breed palet aan politieke opvattingen. Een radicale republikein spuugt op lijken van de vijand; Jimmy worstelt met het gebruik van geweld en het onder druk zetten van anderen; een sympathieke dokter helpt gewonde strijders, maar trekt een moeilijk blik wanneer het over hun daden gaat. Per persoon voelen ze echter allemaal stereotypisch aan vanwege een gebrek aan achtergrondinformatie.

Veel diepgaandere -en daardoor emotionelere en betere- scènes vinden we in The Wind that Shakes the Barley (2006). Met expliciete, hevig oplopende gesprekken wordt in deze film duidelijk gemaakt hoe zwaar en ingewikkeld leven tijdens de Ierse revolutie was. De film Michael Collins (1996) zette de politieke elite centraal in plaats van het gewone volk en de middenklasse. Resistance laat na een duidelijke keuze te maken en scheept de kijker op met hooggeplaatste personages die wederom stereotypisch zijn en een duidelijk achtergrond missen.

Revolutie biedt hoop
Nu de nieuwe personages zich ook vijf afleveringen lang hebben kunnen introduceren, geeft de serie een beetje uitzicht voor een goed derde deel, moeilijkheden daargelaten. Echter had Rebellion dat opstapje moeten zijn. Zelfs voor liefhebbers van historische drama's en Ierse geschiedenis is Resistance maar met moeite een aanrader, voornamelijk vanwege de dunne achtergrondverhalen. De betere alternatieven die op de markt zijn, maken het bovendien moeilijk om van deze serie een blijvende herinnering te maken.

 

Lees meer

ANS kijkt: Russian Doll (2019) ★★★★

Als Nadia Vulvokov (Natasha Lyonne) in de eerste aflevering van Russian Doll wordt aangereden door een auto, opent ze tot haar verbazing opnieuw haar ogen waar ze de avond begon: op het toilet van haar eigen verjaardagsfeestje.Vanaf dat moment zit ze vast in een cirkel die oneindig door lijkt te gaan. Binnen maximaal anderhalve dag nadat ze haar ogen opendoet in dat bewuste toilet, gaat ze weer dood. Een vallende lift, een gasexplosie, onderkoeling – slechts een greep uit de manieren waarop makers Leslye Headland, Amy Poehler en Natasha Lyonne zelf hun hoofdpersonage aan haar einde laten komen. 

Tekst: Aaricia Kayzer

Het idee van een dag die zich blijft herhalen doet natuurlijk meteen denken aan Groundhog Day (1993), waarin weerman Phil (Bill Murray) dezelfde dag keer op keer opnieuw beleeft. Russian Doll en Groundhog Day hebben nog meer overeenkomsten: de eeuwige lus waarin de personages vastzitten, leidt onvermijdelijk tot introspectie en de enige weg uit de cirkel is persoonlijke groei. Toch is de toon van Russian Doll veel zwaarder. Groundhog Day blijft, ondanks deze existentiële thema's, een komedie. Ja, Russian Doll is ook grappig, maar op een harde en cynische manier: 'What is this ‘bad person?'', reageert Nadia op een verwijt. 'I mean, there's Hitler and then there's everybody else.'

'I die all the time'
In de eerste paar afleveringen gaat Nadia verwoed op zoek naar een reden voor de absurde situatie waar ze in is beland. Al snel heeft ze een paar oorzaken uitgesloten: ze zit niet in een psychose, en ook de speciale sigaretten van vriendin Maxine (Greta Lee), waar naast tabak ook cocaïne in zit, zorgen niet voor deze vervreemde realiteit. Tot haar grote verrassing komt ze er na ongeveer een half seizoen achter dat ze niet alleen is. Als ze in een lift staat die plots in vrije val naar beneden stort, duikt iedereen gillend op de grond. Alleen de jongen naast haar geeft geen kick. Wanneer Nadia hem vraagt waarom hij niet in doodsangst is, haalt hij laconiek zijn schouders op. Het maakt hem niet uit: 'I die all the time'. Waar Nadia eerst alleen was in haar zoektocht, heeft ze nu een lotgenoot: Alan Zaveri (Charlie Barnett). Alan en Nadia zijn in alle opzichten tegenpolen van elkaar. Nadia is cynisch, hard en achteloos, Alan is opgeruimd, gestructureerd en gedisciplineerd. Hun samenwerking om het mysterie dat hun leven beheerst op te lossen leidt aanvankelijk dan ook tot frustratie, maar uiteindelijk ook tot wederzijds begrip en nieuwe inzichten.

Gelaagd en geslaagd
Russian Doll kiest ervoor om een heel complex thema te behandelen: tijd. Zoals veel series die gaan over tijdreizen of verbuigingen van de tijd, geeft de serie geen eenduidig antwoord op hoe het mogelijk is dat Nadia en Alan in deze cirkel terecht zijn gekomen. Toch beantwoordt de serie onverwacht veel vragen. Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat het constante vallen en opstaan niet zonder consequenties blijft: naarmate Nadia en Alan vaker sterven en opnieuw beginnen, valt de realiteit langzaam uiteen. Het feestje waar Nadia telkens opnieuw 'wakker' wordt, telt bijvoorbeeld steeds minder bezoekers, tot uiteindelijk alleen Maxine nog over is, die in haar eentje in een lege kamer danst. De werkelijkheid verdwijnt. Plots krijgt het raadsel een deadline.

Waar ligt dat aan, en belangrijker: hoe lossen Nadia en Alan dit op? Hoewel de serie geen uitsluitsel geeft, lijken Nadia's vermoedens over een meervoudig universum wortel te schieten. Het einde blijft uiteindelijk cryptisch, maar niet uit lacune. De sleutel van het mysterie lijkt te liggen in het verleden en in de persoonlijke groei die Nadia en Alan doormaken. Voor Nadia is een confrontatie met het verleden uiteindelijk letterlijk: naarmate de realiteit afbrokkelt en haar omgeving langzaam verdwijnt, komt ze telkens haar jongere zelf tegen. Zodra ze zichzelf als kind ziet rondlopen op straat of in de supermarkt, overlijdt ze plots. Doordat Nadia letterlijk geconfronteerd wordt met zichzelf, wordt ze ook geconfronteerd met herinneringen aan haar manische moeder Lenora Vulvokov (Chloë Sevigny). Dit leidt tot momenten die zowel ontroerend als angstaanjagend. Russian Doll is naast komisch en dramatisch namelijk ook soms beklemmend en ronduit bloederig. Als Nadia een stuk glas ophoest, bijvoorbeeld, haar mond onder het bloed.

Die veelzijdigheid maakt Russian Doll een enorm dynamische serie. De korte afleveringen van 25 minuten zitten bomvol (maar niet té vol) en houden de kijker constant vast, met name door de mysterieuze gebeurtenissen en door Nadia's prettige cynisme. Russian Doll is een intrigerende serie die, zoals de naam al doet vermoeden, vele lagen heeft om te ontrafelen.

 

 

Lees meer

ANS kijkt: Sex Education (2019)

Het huis van Otis Milburn (Asa Butterfield), hoofdpersoon van Netflix' komedie-dramaserie Sex Education, en zijn moeder Jean (Gillian Anderson) hangt vol met pornografische afbeeldingen, fallussymbolen en vagina's. Otis moeder is namelijk sekstherapeute. 

Tekst: Aaricia Kayzer

Ondanks de open houding van zijn moeder tegenover seks, vindt Otis het maar moeilijk om met seks om te gaan. Hij is namelijk nog maagd en kan niet omgaan met de gedachte aan seks. Zelfs masturberen lukt hem niet. In theorie gaat seks hem echter wel goed af. Nadat Adam Groff (Connor Swindells), de grootste pestkop van de school, teveel Viagra neemt om zijn erectieproblemen om te lossen, praat Otis hem door het pijnlijke moment heen. Hierop start Otis samen met klasgenoot Maeve Wiley (Emma Mackey) een improvisatorische sex clinic, waar medeleerlingen tegen betaling terecht kunnen met hun seksvragen.

Let's talk about sex
Door dit narratief legt Sex Education een aantal belangrijke onderwerpen bloot, zonder te vervallen in voor de hand liggende grappen. De humor van de serie schuilt namelijk niet zozeer in het ongemak dat Otis door zijn moeder ervaart (los van rake maar directe opmerkingen zoals 'I've noticed you're pretending to masturbate', die zijn moeder regelmatig maakt). Het komediegedeelte van de serie komt vooral naar voren in de openheid waarmee onderwerpen behandeld worden. Seks is naast leuk nu eenmaal vaak ongemakkelijk of verwarrend. Adam kan niet klaarkomen, Aimee (Aimee Lou Wood) weet niet wat ze nu eigenlijk zelf leuk vindt in bed en Ruthie (Lily Newmark) en Tanya (Alice Hewkin) hebben moeite met seks omdat ze diep vanbinnen weten dat ze alleen bij elkaar zijn omdat ze de enige openlijke lesbiennes op school zijn. Otis geeft ze goed advies, maar zelf blokkeert  hij volledig als hij ook maar aan seks denkt.

De serie toont met al deze problemen een divers beeld van seks en de bijbehorende hoogtepunten, dieptepunten, twijfels en onzekerheden. Net zo divers zijn de verschillende achtergrondverhalen van de personages. Otis is de facto de hoofdpersoon, maar dit betekent niet dat de rest van de personages zich aan de zijlijn bevinden. Toch komen niet alle personages even goed uit de verf. Adams karakterontwikkeling blijft een tikkeltje voorspelbaar, net als Maeves rol van het alternatieve buitenbeentje uit een trailer park dat moet opboksen tegen vooroordelen over haarzelf en haar familie. Desalniettemin gaat Sex Education regelmatig aan clichés voorbij. Otis' problemen met seks zijn geworteld in een onverwachte gebeurtenis en waar de serie met Otis' gevoelens voor Maeve aanvankelijk aan lijkt te sturen op een dramatische love triangle, kiest de serie gelukkig voor een route met minder uitgekauwd drama.

Surrealistisch mooi
Ook de scenery van de serie verdient aandacht. Goed, het is misschien onrealistisch dat alle leerlingen van een drukbevolkte high school in enorme, vrijstaande huizen in de pittoreske natuur wonen, maar het maakt wel dat Sex Education ook een mooie serie is om naar te kijken. Het prachtige huis van Otis en Jean, gelegen op een heuvel, met een houten balkon dat uitkijkt over een rivier, zorgt er haast voor dat je je eigen studie wil omruilen voor de studie Seksuologie, in de hoop op eenzelfde toekomst.

Aanvankelijk lijkt het alsof de serie zich een paar decennia geleden afspeelt, aangezien alle personages gekleed zijn in een mengelmoes van kleren die doen denken aan de jaren zeventig tot negentig. Ook hier geldt: het is enigszins onrealistisch, maar ziet er in ieder geval mooi uit. Met name Eric Effoing (Ncuti Gatwa), Otis' beste vriend, is telkens geweldig gekleed, vooral als hij in de tweede helft van het seizoen opnieuw zichzelf en zijn eigen stijl omarmt.

Het einde van het seizoen bouwt goed op naar een tweede seizoen. De serie heeft een duidelijke toon en zet genoeg vragen op voor het volgende seizoen om de kijker nieuwsgierig te houden. Helaas zal een nieuw seizoen nog wel een jaartje op zich laten wachten. In de tussentijd is het eerste seizoen van Sex Education in ieder geval een verfrissende, diverse en herkenbare serie over de leuke, ongemakkelijke, moeilijke en ontroerende momenten van relaties, seks en vriendschappen.

 

Lees meer

ANS Kijkt: Shoplifters (Manbiki kazoku)

Donderdag 13 december ging de de Japanse film getiteld Shoplifters (Manbiki kazoku) in LUX in premiére. Deze Palme d'Or winnaar is een dramafilm die je niet enkel tot denken zet, maar wellicht ook tot handelen. Regisseur Hirokazu Kore-Eda wordt beschouwd als een van de filmmeesters van Japan, mede door de meerdere internationale filmprijzen die hij heeft gewonnen voor titels als Like Father, Like Son en Still Walking. In zijn nieuwste film geeft Kore-Eda geeft op eigenaardige wijze een gezin weer dat niet schuwt voor sociale wanpraktijken en taboes. Er wordt een fantastische weergave gegeven van een bijzonder dievengezin bestaande uit vijf personen, die op generlei wijze parentage hebben.

Tekst: Kirti Kohra Singh

Opmerkelijke gezinssituatie
Het gezin bestaat uit 'vader' Osamu Shibata (Lily Franky), 'moeder' Nobuyo Shibata (Sakura Ando), 'oma' Hatsue Shibata (Kirin Kiki), 'dochter' Aki Shibata (Mayu Matsuoka) en 'zoon' Shota Shibata (Kairi Jyo). Het meest opvallende is dat de familie weinig voelt voor de wet en sociale normen, maar wel veel voelt voor elkaar. De film begint met een scéne waarin Osamu en Shota een aantal boodschappen uit een supermarkt stelen. Niet alleen Osamu en Shota zijn bezig met diefstal. Moeder steelt spullen uit de kleding van mensen bij de wasserette waar ze werkzaam is en Aki is een soort (soft)sekswerker. De film geeft een erg natuurlijke kijk in het leven van een normafwijkend gezin. Het legt de nadruk niet op de misdaden maar laat ze voorkomen als alledaagse bijzaken; Kore-Eda laat heel duidelijk het menselijke naar voren komen achter het stelen. Dit biedt de kijker de mogelijkheid om veel sociale stigma's in perspectief te plaatsen.

Yuri
Na de eerste diefstal in de film, treffen Osamu en Shota een klein meisje genaamd Yuri op een balkon aan dat buiten is gesloten door haar ouders. Gezien het al laat is en het koud begint te worden, besluiten ze het meisje mee te nemen naar hun huis. Zodra ze thuis zijn valt het op dat ze allerlei wonden op haar arm heeft. Deze verwondingen heeft ze opgelopen bij haar echte gezin, waarin veel huishoudelijk geweld plaatsvond; onder andere gericht op haar. Het gezin van Osamu en Shota besluit haar dat Yuri bij hen laten intrekken de beste keus is, ook al is dit illegaal. Wat na een tijdje in de film blijkt is dat alle leden van het gezin op een dergelijke wijze bij het gezin zijn gekomen. Geen van hen heeft bloedverwantschap en ze zijn allemaal verlaten door hun families. Dit wordt duidelijk naarmate de film vordert en de levens van de familieleden afzonderlijk worden belicht. Ondanks de eigenaardige gezinssituatie en -samenstelling kent het gezin een erg sterke band en is er veel liefde onderling. Kore-Eda wil hiermee duidelijk maken dat een hechte band niet gestoeld is op bloedverwantschap of de reputatie binnen een gemeenschap.

Natuurlijke weergave
In Shoplifters worden de levens van de personages worden op een heel gedetailleerde en naturalistische wijze vertoond. De dialogen zijn hier een uitstekend voorbeeld van, de manier van spreken voelt niet afkomstig uit een script maar is even organisch als een alledaags gesprek. Details als de kinderachtigheid van de vader, die bijvoorbeeld blijkt uit een scéne waarin hij binnen aan het voetballen is met een plastic tas, doet de kijker de film niet alleen aanschouwen maar ook beleven. Een ander voorbeeld is de weergave van de diefstalscénes. De dynamiek die aanwezig is tussen het winkelpersoneel, Osamu, Shota en soms Yuri wordt op een ongekend realistische manier weergegeven. Het stelen wordt beleefd zoals de personages het beleven, zonder de spanning die de kijker zou voelen als hijzelf zou stelen.

Kroket met noedels
Een groot deel van de dialogen en de actie in Shoplifters gebeurt tijdens het eten. Zo ontmoet Yuri de andere familieleden voor het eerst tijdens het eten worden er veel cruciale gesprekken gevoerd tijdens het eten van verscheidene Japanse gerechten. Tijdens de film komt meerdere keren het gerecht 'kroket met instant-noedels' terug, het lievelingseten van Osamu en Shota. Na het kijken van de film was niet alleen mijn honger aangewakkerd, maar ook mijn nieuwsgierigheid naar de smaak van kroket samen met instant-noedels. Hoewel het in eerste instantie een gekke combinatie lijkt, blijkt het onverwachts lekker te smaken. Het eindoordeel van Shoplifters is echter niet aan verassingen onderhevig. Shoplifters is niet alleen film-technisch beschouwd erg goed. De personages en hun hechte band onderling is wat de film een genot maken om naar te kijken.

 

Lees meer

ANS kijkt: Star Wars: The Last Jedi (2017)

De verwachtingen voor de gemiddelde Star Wars film zijn hoog, maar in het jaar dat de franchise haar veertigjarig jubileum viert, is het extra spannend. Dat de franchise überhaupt zolang heeft weten te overleven, mag een wonder heten na alles wat George Lucas eraan heeft gedaan om zijn epos te ruïneren met de vreselijke prequels. Gelukkig leek het na een doorstart met The Force Awakens (2015) en een zoethoudertje in de vorm van Rogue One (2016), weer de goede kant op te gaan. Met The Last Jedi wordt dat vermoeden niet alleen bevestigd, maar ruimschoots overtroffen: Star Wars is beter dan het in lange tijd geweest is en deel acht van de reeks is in veel opzichten de culminatie van veertig jaar filmgeschiedenis.

Menselijke complexiteit
Er valt veel over deze film te zeggen, niet in de laatste plaats omdat het de langste film in de serie tot nu toe is, met een speeltijd van meer dan tweeëneenhalf uur. Die tijd wordt goed gebruikt en vrijwel alle grote personages komen tot hun recht, zowel de oude als de nieuwe generatie. Waar de aanwezigheid van Luke Skywalker (Mark Hamill) in The Force Awakens verwaarloosbaar was, speelt hij in deze film een aanzienlijk grotere rol. Daarbij wordt niet alleen zijn personage recht gedaan, maar ook zijn status als de laatste Jedi. Een ander oudgediende is de inmiddels overleden Carrie Fisher, die voor de laatste keer schittert als prinses Leia en ook nog een aantal mooie scènes heeft met haar tegenpersonages. Dat maakt het een waardig afscheid van de actrice en de rol van haar leven. Ook de nieuwe personages krijgen meer diepgang, waarbij vooral Kylo (Adam Driver) en Rey (Daisy Ridley) indruk maken. Kylo wordt verder uitgediept als een van de meest ambigue personages, met zijn tweestrijd tussen het goede en het kwade, en de optimistische Rey krijgt het aan de stok met oude cynicus Luke, een fantastische combinatie. Het was geen eenvoudige klus om recht te doen aan al deze (en alle andere) complexe personages en de eerdere films, maar regisseur Rian Johnson heeft het voor elkaar gekregen.

Schoonheidsfoutjes
The Last Jedi trapt volgens goed gebruik in de Star Wars franchise af met een spannende actiescène die het publiek gelijk de film insleurt. Ondanks dit sterke begin heeft de film in de eerste helft een beetje opstartproblemen De gebruikelijke slapstick en willekeurige creaturen die als comic relief door het scherm banjeren, werken hier soms storend en sommige grappen voelen nogal geforceerd. Daardoor is de balans tussen drama en komedie een beetje zoek en sommige scènes komen niet helemaal tot hun recht. Gelukkig is er ook in dit stuk van de film genoeg om van te genieten, met emotionele momenten die teruggrijpen op de oorspronkelijke trilogie en veel humor die wel gewoon raak is. In de tweede helft is het klaar met de ongein en dan begint het spektakel pas echt. Het laatste uur van de film loopt als een trein en houdt de kijker op het puntje van zijn stoel, maar biedt ook ruimte voor emotionele momenten en humor. Tegen de tijd dat de film is afgelopen, ben je de onzin die tussendoor voorbijkwam alweer vergeten en flitsen vooral de vele hoogtepunten aan je voorbij.

Emotionele noten
Niet alleen de personages en het verhaal steken goed in elkaar, ook op andere vlakken is de film tot in de puntjes uitgewerkt. De film zit vol prachtige beelden, of het nu gaat om ruimteveldslagen, light saber gevechten of de rustigere momenten tussendoor. Ook de shots van het eiland waar Luke zich verschuilt, gefilmd op locatie op een afgelegen Iers eiland, verdienen veel lof. Daar kan geen natuurdocumentaire van de EO aan tippen. Naast het visuele spektakel zit het ook met de muziek weer goed. Zoals altijd zijn de composities van John Williams een absoluut meesterwerk, met prachtige nieuwe muziek en variaties op oude bekenden. De beroemde Force Theme komt herhaaldelijk voorbij in diverse uitvoeringen en elke keer raakt het precies de juiste emotionele snaar.

Hoewel The Last Jedi genoeg openlaat voor J.J. Abrams om mee aan de slag te gaan in het vervolg, is daar na het zien van deze film niet direct behoefte aan. Dat een groot deel van de vragen die The Force Awakens opriep onbeantwoord blijven, maakt verbazingwekkend weinig uit gezien de hoge kwaliteit van de nieuwe film. Sterker nog, als dit de laatste film zou zijn, zou dat misschien niet eens zo'n ramp zijn. In veel opzichten is dit een bijna perfect einde van de reeks. Dat is het natuurlijk niet en dat is misschien maar goed ook, maar dat tevreden gevoel zegt genoeg over het vakwerk dat regisseur Johnson heeft neergezet. Dat hij over een paar jaar aan de slag mag met een eigen Star Wars trilogie is in elk geval iets om naar uit te kijken.

 

Lees meer

ANS kijkt: Temptation Island (2019) ★★

Temptation Island is terug en saaier dan ooit: na negen afleveringen is nog niemand vreemdgegaan. Is dit het beste of slechtste seizoen van 'de ultieme relatietest'?

Tekst: Aaricia Kayzer

Voor wie niet bekend is met het concept van de realityserie: in Temptation Island gaan vier koppels 'de ultieme relatietest' aan. De koppels moeten vijftien dagen los van elkaar doorbrengen op een eiland met alcohol, dates en 'bloedmooie vrijgezellen', zonder vreemd te gaan. Een uitdaging, blijkt uit de vorige seizoenen: vorig jaar verklaarde Tim in de eerste paar afleveringen de eeuwige liefde aan zijn vriendin en toekomstige verloofde Deborah, om vervolgens spontaan te ontdekken dat verleidster Cherish zijn echte liefde was. Aan het eind van de rit werd Tim door zowel Deborah als Cherish aan de kant gezet – en dat alles in minder dan drie weken.

Waar elke aflevering van het vorige seizoen de meest absurde verwachtingen overtrof, kabbelt Temptation Island dit jaar traag voort. Van de koppels die meedoen – Demi en Sidney, Milou en Heiki, Laura en Roger en Rodanya en Morgan – gaat de helft het liefst vroeg naar bed. Bijna allemaal menen ze dat er niet echt een 'temptation' voor hen tussen zit. Het lijkt niet uit te maken hoeveel alcohol, feestjes, privé- en groepsdates of gemanipuleerde beelden de productie naar de deelnemers gooit. Een seizoen waarin de deelnemers nagenoeg allemaal voor 'de ultieme relatietest' lijken te gaan slagen – maakt dat het beste of slechtste seizoen Temptation Island?

'Het enige stel dat op dit moment op vreemdgaan afstevent is Heiki en Milou, en dat weet de productie duidelijk ook.'

Slechte casting
Realityprogramma's worden altijd gemanipuleerd. Bij de castingronde worden kandidaten uitgezocht die samen een zo sensationeel mogelijke dynamiek vormen. Door honderden uren aan materiaal te reduceren tot een paar afleveringen van een uur, is het makkelijk om van de deelnemers typetjes te maken. Ook introduceert de productie tijdens het programma expres activiteiten die inspelen op de gevoelens van de kandidaten. Met alle moeite die in de voorbereiding van zo'n programma zit, alles met het doel zo spraakmakend mogelijk te zijn, is het moeilijk te geloven dat er bij de casting zo'n saaie groep is gekozen. Zowel bij de deelnemers als de verleiders zijn bijna geen extreme types te vinden en er is onderling nauwelijks sprake van frictie. Het enige stel dat op dit moment op vreemdgaan afstevent is Heiki en Milou, en dat weet de productie duidelijk ook. Het programma lijkt inmiddels meer gebrand op het kapotmaken van de relatie van Milou en Heiki dan op de zogenaamde 'relatietest'. De productie gooit namelijk de ene na de andere opzichtige truc naar het stel, in de hoop dat onzekerheid en jaloezie de overhand nemen. Zo mag Milou volgende week als enige persoon alvast op een 'dream date' – een date met een verleider in een luxe villa met tweepersoonsbed. Heiki mag als hij dat wil met een busje langsrijden om de date te observeren. De rest van de koppels en verleiders moet zich maar vermaken aan het zwembad met een cocktail.

Watersport en wandelen
Voor kwalitatief camerawerk, een mooie soundtrack of progressieve ideeën kijkt niemand naar Temptation Island. Sterker nog: zoals gewoonlijk is het programma doorspekt met een flinke dosis ouderwets seksisme ('Vrouwen willen gewoon iemand die naar ze luistert'), racisme (bij het Jungle-themafeestje kunnen Roger en Morgan vast wél losgaan, want 'dat is meer hun muziek') en gore opmerkingen van verleiders ('Demi moet gewoon een keer goed geneukt worden'). De aantrekkingskracht van reality-tv zit voor velen voornamelijk in het drama, de ruzies en de schaamteloze seks op tv. Als je daarnaar op zoek bent, kan je beter de Amerikaanse variant van het programma bekijken. Daar zijn ook nieuwe elementen aan de formule toegevoegd, zoals de mogelijkheid om een verleider die niet goed in de groep ligt te vervangen. Misschien zou de Nederlandse versie van Temptation Island ook gebaat zijn met soortgelijke vernieuwingen – of op zijn minst met dates die interessanter zijn dan een willekeurige watersport of een wandeling door de stad.

Vind je Temptation Island een moreel verwerpelijk programma, dan werkt dit seizoen misschien geruststellend. Blijkbaar is het best mogelijk om vijftien dagen gescheiden van elkaar te leven zonder vreemd te gaan – tenzij de kandidaten in de laatste afleveringen toch nog een scheve schaats rijden.

 

Lees meer

ANS Kijkt: The Crimes of Grindelwald (2018)

The Crimes of Grindelwald (2018) is een overvol vervolg op Fantastic Beasts and Where to Find Them (2016). Zoöloog Newt Scamander gaat met een koffer vol fabeldieren naar Parijs om duistere tovenaar Grindelwald te stoppen, maar dit is uiteindelijk slechts een klein onderdeel van een veel te uitgebreide film.

Tekst: Aaricia Kayzer

The Crimes of Grindelwald is het tweede deel in de Fantastic Beasts-reeks, die in totaal zal gaan bestaan uit vijf films die worden geregisseerd door David Yates en geschreven door J.K. Rowling. In het eerste deel ging Newt Scamander (Eddie Redmayne), zoöloog en tevens auteur van Harry's toekomstige schoolboek Fantastic Beasts and Where To Find Them, met een tas vol fabeldieren naar New York. Daar nemen spanningen tussen dreuzels (in het Amerikaans 'no-maj') en tovenaars toe. Ondertussen probeert Grindelwald (Johnny Depp) door middel van een vermomming de 'obscurial' Credence Barbone (Ezra Miller) te rekruteren voor zijn zaak, maar hij wordt betrapt door Newt en afgevoerd door MACUSA, het Amerikaanse equivalent van het Ministry of Magic. Eind goed, al goed, zou je denken – maar dat is natuurlijk te makkelijk.

Aan twee uur niet genoeg
Het tweede deel in de reeks, The Crimes of Grindelwald, start zo'n drie maanden na het einde van de eerste film en laat zich zo mogelijk nog moeilijker samenvatten dan zijn voorganger. Al in de eerste paar minuten ontsnapt Grindelwald uit de handen van MACUSA en vertrekt hij naar Parijs. Daar gaat hij op zoek naar volgelingen en tevens naar Credence, nog steeds een obscurial, omdat hij meent dat Credence degene is die Dumbledore kan verslaan. Newt vertrekt op zijn beurt in opdracht van Dumbledore naar Parijs om Grindelwald te stoppen (concreter wordt zijn taak niet). Ook de zussen Tina (Katherine Waterston) en Queenie (Alison Sudol) maken hun opwachting, net als no-maj Jacob Kowalski (Dan Fogler). Daarnaast krijgt de kijker meer inzicht in de relatie tussen Grindelwald en de jonge Dumbledore en natuurlijk moeten de daadwerkelijke crimes uit de titel ook nog in beeld komen. Oh, en er zijn ook nog fabeldieren.

Alsof dit nog niet genoeg is, worden er ook een paar nieuwe personages geïntroduceerd, zoals de menselijke vorm van Voldemorts toekomstige slang Nagini (Kim Soo-hyun) en Leta Lestrange (Zoë Kravitz). Die laatste kwam in de eerste film slechts als foto in beeld, maar krijgt in The Crimes of Grindelwald een achtergrondverhaal. Door de grote hoeveelheid gebeurtenissen en personages wordt het verhaal echter te diffuus en voelt Lestranges familiegeschiedenis oppervlakkig en gehaast.

Rowling wil zoveel vertellen, dat een film van twee uur niet genoeg is. Op de Wikipedia van het Harry Potter-universum staat duizend keer meer informatie over de personages en ontwikkelingen in de Fantastic Beasts-reeks dan in de films wordt weergegeven. De oorspronkelijke acht films hadden er al een handje van om sommige dingen niet uit te leggen, maar daar waren nog boeken om te compenseren voor de hiaten aan kennis. The Crimes of Grindelwald legt zo mogelijk nog minder uit. Personages vliegen van scene naar scene en van locatie naar locatie, maar er mist een gevoel van urgentie. Een nieuwe reeks boeken was een veel beter medium geweest voor de hoeveelheid informatie die Rowling over wil brengen.

CGI als beste toverkunst
Het meest frustrerende voor fans van de oorspronkelijke reeks films en boeken, is dat Rowling constant dingen toevoegt aan het universum die niet stroken met Harry Potter. Het meest schrijnende voorbeeld is de ontknoping aan het einde, dat aanvoelt als goedkope fanfiction. Ook maken personages en voorwerpen, zoals Nicolas Flamel en de Mirror of Erised, alleen hun opwachting om het sentiment in de harten van Harry Potter-fans aan te wakkeren. Aan het daadwerkelijke verhaal voegen ze echter niets toe.

Een schrale troost is dat de wereld dan weer wel heel mooi is. Hogwarts ziet er fantastisch uit, net als Parijs en de beelden van de natuur. De ministeries van Frankrijk, Amerika en Engeland zijn alle drie op hun eigen manier imposant. Des te vervelender dat er zoveel schort aan de inhoud. The Crimes of Grindelwald valt flink tegen, maar aangezien zowat elke twintiger een permanent sentiment voor Harry Potter herbergt, zal je 'm waarschijnlijk toch wel gaan kijken – net als die daarna, en die daarna, en die daarna, en alle Harry Potter spin-offs die nog gaan komen.

 

Lees meer

ANS kijkt: The Sense of an Ending (2017)

De verfilming van een literair pareltje wekt hoge verwachtingen, zeker als het gaat om winnaars van de Man Booker Prize. Er is een hoop prestige verbonden aan het winnen van deze Britse prijs en wanneer er een verfilming wordt aangekondigd, zijn de critici er als de kippen bij om te beoordelen of de film het boek eer aandoet. Dit was zeker ook zo bij The Sense of an Ending, geschreven door Julian Barnes en winnaar van de prijs in 2011. In dit geval is het antwoord een overtuigende 'ja' -afhankelijk van wie je het vraagt ten minste. Volgens anderen is het antwoord namelijk een resolute 'nee'. Hoe kan The Sense of an Ending zowel een groot succes als een totale flop zijn? Het blijkt allemaal af te hangen van de intenties en verwachtingen van de kijker.

Tekst: Ilse Peeters

Achtervolgd door het verleden
De gescheiden Tony Webster (Jim Broadbent) werkt als oude man in een tweedehands camerawinkel en wordt naar eigen zeggen niet graag lastig gevallen door het leven. Op een willekeurige dag ligt het verleden op zijn deurmat in de vorm van een brief en zal Tony toch de confrontatie moeten aangaan met alles wat alles wat hij angstvallig geprobeerd heeft te verdringen. De brief is geschreven door de moeder (Emily Mortimer) van Veronica, met wie Tony een relatie had tijdens zijn studententijd. Verder bevat de brief 500 pond en de mededeling dat ze hem het dagboek van zijn vriend Adrian (Joe Alwyn) heeft nagelaten. Adrian kreeg een relatie met Tony’s vriendin Veronica (Charlotte Rampling), vlak nadat zij en Tony op een nare manier uit elkaar gingen. Vanzelfsprekend is Tony verward over de nagelaten som geld en bijzonder geïntrigeerd door het dagboek. Hierin hoopt hij de reden te vinden voor Adrian’s onverwachte zelfmoord een aantal jaar geleden. Het dagboek blijkt in bezit te zijn van Veronica en hier begint Tony’s daadwerkelijke confrontatie met het verleden, waarbij er herinneringen naar boven komen die hij liever had laten rusten. Door middel van flashbacks, gesprekken met personen uit Tony’s verleden en het herlezen van een oude brief, ontdekt de kijker langzaam maar zeker dat Tony meer dan genoeg reden heeft om het verleden liever achter zich te laten.

The Nonsense of an Ending?
Waar de film onbetwiste lof over ontvangt is de samenstelling van de cast. De hoofdpersonages worden op sterke en meeslepende wijze neergezet door heuse lievelingen uit de Britse filmwereld. Desondanks stelt Deborah Ross in een recensie voor The Spectator dat de film haar onmogelijk emotionele voldoening kan brengen. Ze wijt dit aan het voor haar gevoel onlogische en abrupte einde en om deze reden zou ze de titel 'The Nonsense of an Ending' toepasselijker hebben gevonden. Gelukkig had de regisseur een goede reden voor het abstracte en open einde en kunnen we rustig concluderen dat het doel van de film waarschijnlijk aan Ross voorbij is gegaan. Toegegeven, voor wie een uitgebreid plot verwacht waarbij de regisseur de kijker bij de hand neemt en door het verhaal leidt, zal de film een teleurstelling zijn. Het belangrijkste effect dat de filmmaker probeert te bereiken is namelijk juist om de kijker vol verwarring en vragen achter te laten. De verfilming is immers typisch Brits in het relatief langzame tempo van het verhaal. Bovendien is het succes van de brontekst te wijten aan zaken die weinig te maken hebben met de daadwerkelijke verhaallijn en meer met de denkprocessen die het teweegbrengt.

Vragen boven antwoorden
Voor wie is de film dan wel geschikt? Dit zullen mensen zijn die liever voorbij de oppervlakkige verhaallijn kijken en die al snel in discussie gaan over existentiële vraagstukken, vooral in de kroeg na een borrel of twee. Zo is The Sense of an Ending in de eerste plaats een vertolking van postmodernistische kwesties en speelt zowel het boek als de film met filosofische vragen. Bestaat er wel zoiets als een 'echte' geschiedenis en is dit überhaupt belangrijk? Kunnen we onze eigen herinneringen vertrouwen en wat zegt dit over ons? Wat betekent het dat tijd vergankelijk is? Het doel van postmodernisme is het stellen van vragen, niet het vinden van antwoorden. Dit is een logisch gevolg van het geloof dat alles te ondermijnen valt tot er niets anders overblijft dan twijfel over wat we eerder als vanzelfsprekend beschouwden. Het verhaal van Tony Webster, waarin hij als oude man diep zijn eigen duistere verleden in duikt, is een uitermate overtuigende manier om de kijker aan het denken te zetten. Niet alleen over Tony’s leven, maar ook over dat van henzelf. Herinneringen zijn immers subjectieve en onbetrouwbare bronnen om te reflecteren op een mensenleven. Zoals bij Tony zou het zomaar eens kunnen gebeuren dat je leven toch iets anders is verlopen dan je jezelf altijd hebt wijsgemaakt.

Uiteindelijk is The Sense of an Ending een meeslepend verhaal waarin ruimte is om mee te leven met de personages, maar dat bovenal geschikt is als je graag speelt met begrippen zoals geschiedenis, waarheid en de effecten van tijd. De achterliggende gedachte is dat je aan alles gaat twijfelen en daarmee dus ook aan jezelf.

 

Lees meer

ANS kijkt: The Wild Pear Tree (2018) ★★★★

The Wild Pear Tree, de eerste film van Nuri Bilge Ceylan sinds zijn Palme d’Or-winnaar Winter Sleep, is vooral extreem realistisch. Zo realistisch dat het voelt alsof je, in de iets meer dan drie uur die de film lang is, kennis maakt met nieuwe personen, niet met personages. Deze personen zijn met name Sinan, de hoofdrolspeler, een jong aspirerend schrijver die hoogdravende ideeën leuker vindt dan het dorpse leven, en zijn vader, die kampt met een gokprobleem en daardoor met een schulden en een slechte reputatie. 

Tekst: Niek Kerssies

De film begint met Sinan's terugkeer van zijn lerarenopleiding in een nabijgelegen stad. Met tegenzin komt hij weer in het dorp bij zijn ouders wonen, en hij probeert daar het boek dat hij heeft geschreven uit te brengen. De film eindigt ongeveer een jaar later, wanneer Sinan een tijdje het leger in is gegaan, en zijn vader weer opzoekt. Daartussenin komt er van alles voorbij: de band tussen vader en zoon, het contrast tussen dorpse en stedelijke wereldbeelden, opgroeien, het doel van schrijven, de interpretatie van religie… om maar enkele thema's te noemen. Maar geen enkele keer gaat het over het abstracte thema 'Schrijven', of 'De Band Tussen Vader en Zoon'. Ideeën komen langs, maar The Wild Pear Tree is ten eerste een film over het leven en de mensen die ideeën en relaties hebben, en pas in de tweede plaats over die ideeën zelf, die in dat leven plaatsvinden. Dit wordt prachtig gevat in een shot dat halverwege de film plaats vindt: na het her-ontmoeten van twee jeugdvrienden die inmiddels imam zijn geworden, raken zij in gesprek over de interpretatie van de geschriften. Zij zetten het gesprek door terwijl ze over een weg een heuvel aflopen, en zoals alle gesprekken gaan (in het echt, en dus in deze film) kabbelen zij rustig langs een aantal onderwerpen, totdat ze het uiteindelijk over kleinere dingen hebben, zoals de motor van een van de jongemannen. Maar de camera laat zich niet afleiden: de hele wandeling wordt in één lange beweging naar beneden weergegeven, alsof om te laten zien dat de 'hoge' en 'lage' onderwerpen niet zoveel verschillen, en dat het in beide gevallen gaat om mensen, waar zo nu en dan woorden uit komen. Het aantal lange dialogen die de ruggengraat van de film vormen zijn uitwisselingen tussen personen die nooit een symbool worden voor een bepaalde opvatting, ook vergissingen maken en niet de waarheid in pacht hebben, en wie het nooit beter dan in het echte leven lukt om iets inspirerends of interessants te verwoorden.


Op zoek naar de waarheid
Ook de hoofdpersoon is dan ook verre van perfect. Hij is egoïstisch en bezeten van een misplaatst soort vertrouwen in zijn eigen gelijk, terwijl hij tegelijkertijd blijk geeft van weinig levenservaring. Er zal in zekere mate een autobiografische noot zitten in deze kritische schets van een jonge schrijver; wat des te knapper is gezien Ceylan nu 60 jaar oud is waarvan al 24 als regisseur. Ceylan haalt een bijzonder soort overwinning van inlevingsvermogen hiermee. Niet alleen creëert hij overtuigend meerdere unieke personen, maar hij weten ook de gedachtewereld van een eerdere versie van zichzelf, zo lang geleden, te reproduceren.

Uit tenminste één van die imperfecties van Sinan lijkt toch een bepaalde stem van de auteur te spreken. Hoewel Sinan voortdurend benadrukt hoe hij de kleinburgerlijke gang van zaken in het dorp haat, beschrijft hij wel telkens zijn boek als een beschrijving van de 'echte' gang van zaken in het leven van een klein Turks dorpje. Hij zegt dit onder andere tegenover een lokaal schrijver, wie gedurende hun gesprek steeds geïrriteerder raakt met Silan’s zelfingenomen en romantische ideeën over schrijvers. Uiteindelijk is hij het zat en schreeuwt hij Silan toe dat het hem niet uitmaakt hoe 'de versmelting van pen en ideeën zich verhouden tot de absolute werkelijkheid'; en dat er maar één realiteit is, die om hem heen aan het gebeuren is. Ik denk dat het veelzeggend is dat wij als kijkers nooit te weten komen wat er in Silan's boek staat; en het is ook niet toevallig dat het boek dezelfde titel heeft als de film. Wat Ceylan vooral probeert te laten zien, de hele film lang, is hoe klein een onderdeel deze abstracte ideeën, ook al gaan ze over het leven, zijn van het leven zelf. Terwijl Silan bezig is met wat hij vast vindt dat de belangrijkste vraagstukken zijn (iets wat trouwens komisch wordt onderstreept door een erg dramatische stuk van Bach dat wordt gespeeld iedere keer dat Silan iets overkomt in het leven), gebeurt om hem heen een ontwikkeling tussen hem en zijn omgeving, zijn ouders en zijn toekomst. En dit op precies dezelfde manier waarop tijdens de gehele film, terwijl mensen proberen uitdrukking te geven aan ideeën en grip te krijgen op hun ontwikkelingen en verhoudingen, de camera zwijgend toekijkt en alles daaromheen observeert. In die zin lukt het The Wild Pear Tree, om te doen wat het boek, slechts onderdeel van de film, probeert te doen. Een diepe meditatie die toch geheel onpretentieus en heerlijk om te kijken blijft, en van mijn kant een hartelijke aanrader voor iedereen die eens zin heeft om een paar uren te reflecteren.

 

Lees meer

ANS kijkt: The Wild Pear Tree (2018) ★★★★

The Wild Pear Tree, de eerste film van Nuri Bilge Ceylan sinds zijn Palme d’Or-winnaar Winter Sleep, is vooral extreem realistisch. Zo realistisch dat het voelt alsof je, in de iets meer dan drie uur die de film lang is, kennis maakt met nieuwe personen, niet met personages. Deze personen zijn met name Sinan, de hoofdrolspeler, een jong aspirerend schrijver die hoogdravende ideeën leuker vindt dan het dorpse leven, en zijn vader, die kampt met een gokprobleem en daardoor met een schulden en een slechte reputatie. 

Tekst: Niek Kerssies

De film begint met Sinan's terugkeer van zijn lerarenopleiding in een nabijgelegen stad. Met tegenzin komt hij weer in het dorp bij zijn ouders wonen, en hij probeert daar het boek dat hij heeft geschreven uit te brengen. De film eindigt ongeveer een jaar later, wanneer Sinan een tijdje het leger in is gegaan, en zijn vader weer opzoekt. Daartussenin komt er van alles voorbij: de band tussen vader en zoon, het contrast tussen dorpse en stedelijke wereldbeelden, opgroeien, het doel van schrijven, de interpretatie van religie… om maar enkele thema's te noemen. Maar geen enkele keer gaat het over het abstracte thema 'Schrijven', of 'De Band Tussen Vader en Zoon'. Ideeën komen langs, maar The Wild Pear Tree is ten eerste een film over het leven en de mensen die ideeën en relaties hebben, en pas in de tweede plaats over die ideeën zelf, die in dat leven plaatsvinden. Dit wordt prachtig gevat in een shot dat halverwege de film plaats vindt: na het her-ontmoeten van twee jeugdvrienden die inmiddels imam zijn geworden, raken zij in gesprek over de interpretatie van de geschriften. Zij zetten het gesprek door terwijl ze over een weg een heuvel aflopen, en zoals alle gesprekken gaan (in het echt, en dus in deze film) kabbelen zij rustig langs een aantal onderwerpen, totdat ze het uiteindelijk over kleinere dingen hebben, zoals de motor van een van de jongemannen. Maar de camera laat zich niet afleiden: de hele wandeling wordt in één lange beweging naar beneden weergegeven, alsof om te laten zien dat de 'hoge' en 'lage' onderwerpen niet zoveel verschillen, en dat het in beide gevallen gaat om mensen, waar zo nu en dan woorden uit komen. Het aantal lange dialogen die de ruggengraat van de film vormen zijn uitwisselingen tussen personen die nooit een symbool worden voor een bepaalde opvatting, ook vergissingen maken en niet de waarheid in pacht hebben, en wie het nooit beter dan in het echte leven lukt om iets inspirerends of interessants te verwoorden.


Op zoek naar de waarheid
Ook de hoofdpersoon is dan ook verre van perfect. Hij is egoïstisch en bezeten van een misplaatst soort vertrouwen in zijn eigen gelijk, terwijl hij tegelijkertijd blijk geeft van weinig levenservaring. Er zal in zekere mate een autobiografische noot zitten in deze kritische schets van een jonge schrijver; wat des te knapper is gezien Ceylan nu 60 jaar oud is waarvan al 24 als regisseur. Ceylan haalt een bijzonder soort overwinning van inlevingsvermogen hiermee. Niet alleen creëert hij overtuigend meerdere unieke personen, maar hij weten ook de gedachtewereld van een eerdere versie van zichzelf, zo lang geleden, te reproduceren.

Uit tenminste één van die imperfecties van Sinan lijkt toch een bepaalde stem van de auteur te spreken. Hoewel Sinan voortdurend benadrukt hoe hij de kleinburgerlijke gang van zaken in het dorp haat, beschrijft hij wel telkens zijn boek als een beschrijving van de 'echte' gang van zaken in het leven van een klein Turks dorpje. Hij zegt dit onder andere tegenover een lokaal schrijver, wie gedurende hun gesprek steeds geïrriteerder raakt met Silan’s zelfingenomen en romantische ideeën over schrijvers. Uiteindelijk is hij het zat en schreeuwt hij Silan toe dat het hem niet uitmaakt hoe 'de versmelting van pen en ideeën zich verhouden tot de absolute werkelijkheid'; en dat er maar één realiteit is, die om hem heen aan het gebeuren is. Ik denk dat het veelzeggend is dat wij als kijkers nooit te weten komen wat er in Silan's boek staat; en het is ook niet toevallig dat het boek dezelfde titel heeft als de film. Wat Ceylan vooral probeert te laten zien, de hele film lang, is hoe klein een onderdeel deze abstracte ideeën, ook al gaan ze over het leven, zijn van het leven zelf. Terwijl Silan bezig is met wat hij vast vindt dat de belangrijkste vraagstukken zijn (iets wat trouwens komisch wordt onderstreept door een erg dramatische stuk van Bach dat wordt gespeeld iedere keer dat Silan iets overkomt in het leven), gebeurt om hem heen een ontwikkeling tussen hem en zijn omgeving, zijn ouders en zijn toekomst. En dit op precies dezelfde manier waarop tijdens de gehele film, terwijl mensen proberen uitdrukking te geven aan ideeën en grip te krijgen op hun ontwikkelingen en verhoudingen, de camera zwijgend toekijkt en alles daaromheen observeert. In die zin lukt het The Wild Pear Tree, om te doen wat het boek, slechts onderdeel van de film, probeert te doen. Een diepe meditatie die toch geheel onpretentieus en heerlijk om te kijken blijft, en van mijn kant een hartelijke aanrader voor iedereen die eens zin heeft om een paar uren te reflecteren.

 

Lees meer

ANS kijkt: Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017)

'Raped while dying', 'And still no arrests?', 'How come, chief Willoughby?'. Dit is de vraag die Mildred Hayes (Frances McDormand) in Three Billboards Outside Ebbing, Missouri stelt aan de politie van Ebbing, Missouri. Zeven maanden geleden is haar dochter verkracht en vermoord, maar de agenten in het dorp zijn volgens de gefrustreerde Hayes drukker bezig met 'nigger-torturing business' dan met de zoektocht naar de dader.

Drie billboards
Hayes plakt haar verwijt met zwarte letters op rood papier op drie hoge billboards net buiten het dorp Ebbing. De borden zijn al decennia niet gebruikt en staan langs een verlaten plattelandsweggetje, maar toch is ze bereid vijfduizend dollar per maand neer te leggen voor haar 'reclametekst'. Dit tot de woede van het politiedepartement en de dorpsbewoners. Die snappen allemaal dat Hayes het moeilijk heeft, maar vinden het niet nodig Willoughby (Woody Harrelson) persoonlijk aan te vallen. Al helemaal omdat laatstgenoemde lijdt aan terminale alvleesklierkanker.

In het begin van de film is het makkelijk een moreel oordeel te vellen: Hayes is misschien grofgebekt en bij tijd en wijlen onsympathiek, maar ze lijkt de enige normale persoon in een dorp vol incapabele en racistische bewoners en politieagenten. Naarmate de film vordert blijken goed en kwaad echter niet lijnrecht tegenover elkaar te staan. Willoughby is een sympathieke agent die, hoewel Hayes het misschien niet wil geloven, doet wat hij kan. De dader is nu eenmaal in geen enkele databank te vinden, waardoor er geen DNA-match kan worden gemaakt. Hayes' oplossing? 'I'd start up a database, every male baby was born, stick 'em on it, and as soon as he done something wrong, cross reference it, make one hundred percent certain it was a correct match, then kill him.'

Slordig schrijfwerk
Deze sfeer van geweld blijft de hele film prominent aanwezig. Hayes schopt twee kinderen in het kruis, wordt zelf bedreigd met een mes, een agent trapt anderen in elkaar en wordt op zijn beurt zelf tegen de grond geslagen. Als kijker is het soms ronduit frustrerend om keer op keer geconfronteerd te worden met nutteloze vergelding, excessen van geweld tegen de verkeerden en het domme gedrag van de hillbilly-dorpsbewoners. Dit gedrag wordt nergens op een rechtvaardige manier bestraft. De moord op Hayes' dochter ligt te verstoffen in een archiefkast. Zelfs als de openlijk racistische politieagent Dixon (Sam Rockwell) een onschuldige inwoner in elkaar trapt en daarna voor de ogen van de nieuwe chief of police uit het raam gooit, volgen er geen echte repercussies. Ja, de agent in kwestie wordt ontslagen, maar van een arrestatie komt het niet. Enerzijds past dit in het thema van geweld en verkeerde vergelding, anderzijds voelt het als lui schrijfwerk dat is bedoeld om de rest van het plot mogelijk te maken.

Wie goed doet
Three Billboards Outside Ebbing, Missouri is duidelijk geen moralistische film, waarin goede daden worden beloond en foute daden bestraft. De film is het alleen in zo'n mate niet, dat het onrealistisch wordt. Gevallen van machtsmisbruik, racisme en geweldexcessen worden weggewuifd om de rest van het plot mogelijk te maken. De opluchting is daarom groot als personages eens gebruikmaken van hun vergevingsgezindheid in plaats van hun vergeldingsdrang. De personages die uiteindelijk vergeven worden, zijn echter de personages die dit het minst verdienen: een beroerd functionerende politieagent en de ex-man van Hayes (John Hawkes) die zich tot op heden schaamteloos schuldig maakt aan huiselijk geweld. Waarom moet de kijker geven om de moralisatie van personages die nauwelijks iets doen om dit te verdienen? Als puntje bij paaltje komt, krijgen ze onverdiend veel aandacht.

Het plot is dus regelmatig frustrerend om te volgen, maar Three Billboards Outside Ebbing, Missouri is visueel gezien een boeiende film om te kijken. De beelden, vooral die van het stadje Ebbing en de billboards, zijn erg mooi en het acteerwerk is overtuigend. Niet iedereen lijkt problemen te hebben met het rammelende plot: de film won namelijk drie Golden Globes en is genomineerd voor zeven Oscars, waaronder die voor het beste scenario. Of de film deze in de wacht weet te slepen, is nog afwachten: de film moet het immers opnemen tegen titels als Call Me by Your Name en Dunkirk.

 

Lees meer

ANS kijkt: Tomb Raider (2018)

Tomb Raider was oorspronkelijk een van de eerste videospellen met een vrouwelijk hoofdpersonage, dat een kleine hoeveelheid actie mixte met een groot aantal puzzels. Het eerste spel kwam uit in 1996 en in 2001 volgde de eerste verfilming. Het spel en de verfilming draaien allebei om Lara Croft, een wetenschapper en powervrouw die gezien kan worden als een vrouwelijke tegenhanger van Indiana Jones. Eerder zijn al twee films uitgekomen met Angelina Jolie in de hoofdrol, Lara Croft: Tomb Raider (2001) enLara Croft: Tomb Raider – The Cradle of Life (2003). De nieuwste film is eenreboot en lijkt in veel opzichten op de videospellen, die onlangs ook een herstart hebben gehad.

Vermist
In deze nieuwste versie wordt Lara Croft gespeeld door Alicia Vikander, ook wel bekend van The Danish Girl, waarin Vikander een Oscar won voor beste vrouwelijke bijrol. De vader van Lara, in deze film gespeeld door Dominic West, is toen Lara nog jong was vermist geraakt. Lara weigert echter om haar vader officieel te erkennen en accepteert de erfenis dan ook niet. Die erfenis bestaat onder andere uit het uit de spellen bekende landhuis, geld en wapens. Lara begint in deze film zodoende als een simpele fietskoerier en ook hierin verschilt de film van de spellen. Dit zorgeloze bestaan verandert wanneer een brief suggereert dat Lara's vader mogelijk toch nog leeft. Lara gaat op een levensgevaarlijke missie om haar vader te vinden en dit brengt haar onder andere naar Azië en Zuid-Amerika. Met de hulp van Daniel Wu (Into the Badlands) gaat ze de zoektocht aan, die zich uiteindelijk ontvouwt in een groter wereldwijd complot.

Stoer maar breekbaar
Gelijkenissen tussen Vikander en Jolie zijn er nauwelijks, wat de film ten goede komt. Waar Jolie haar karakter neerzette als een rondborstige, zelfverzekerde en succesvolle avonturier, is Vikanders versie van Lara in deze film een stuk verlegener en fragieler. Lara is ook fysiek klein van stuk, maar desalniettemin snel, sterk en moedig. Voor deze rol heeft Vikander een lange tijd vechtsport en fitness gedaan, zodat het personage ook fysiek erg geloofwaardig is. De Lara Croft in deze film is slechts een beginversie van de supervrouw uit de videospellen. Ze raakt daadwerkelijk gewond, kan geen overdreven grote groepen vijanden aan en wint niet altijd het gevecht. De Tomb Raider films zijn dus qua hoofdpersoon vrijwel tegenpolen, maar er is ook genoeg gelijkenis tussen de oude en nieuwe versie te vinden. Zo zijn de wilde omgevingen gelukkig bijvoorbeeld bewaard gebleven en worden deze door hedendaagse technologie briljant op het scherm getoverd. Lara komt onder meer in Londen, de open zee en de jungle terecht en dit ziet er prima uit. Het is dan ook aangeraden om de film in IMAX te kijken.

Onderscheid
Door de herziene versie van het hoofdkarakter, de langzame introductie en de opbouw van de andere hoofdpersonages biedt Tomb Raider veel meer diepgang dan voorheen. Hiermee onderscheidt de film zich van de typische good girl vs. bad guy structuur uit de eerste twee verfilmingen en veel andere actiefilms, zoals het recente Wonder Woman. De film bouwt niet op overdreven grote explosies en schietpartijen, maar maakt slim gebruik van het feit dat Lara nog weinig vaardigheden bezit. Dit levert kortere maar minder voorspelbare gevechtsscènes op. Bovendien geeft het ruimte voor de antagonist Mathias Vogel (gespeeld door Walt Goggins) om zich te ontwikkelen en krijgt hij een achtergrondverhaal dat niet zo eenzijdig is als veel andere schurken in films van tegenwoordig.

Ondanks de goede karakterontwikkeling is het verhaal helaas minder meeslepend. Je weet als kijker door de typische avontuurstructuur, die bestaat uit een probleem en een hoofdpersoon die dit moet oplossen, al gelijk waar het verhaal gaat eindigen. De makers hebben hier zeker wat kansen laten liggen, helemaal als je weet dat de Tomb Raider spellen inmiddels best veel achtergrond over Lara's avonturen hebben voortgebracht om mee te werken. De film laat zien dat Lara een stoer meisje is, maar toch veel verdriet heeft, spijt heeft van hoe ze er nu voor staat en gemotiveerd is om zich door haar worstelingen heen te slaan. Helaas zorgt dit nergens voor verassingen in het plot en zijn de puzzelelementen die de originele spellen zo beroemd maakten ingekort. 

Tomb Raider is zeker het kijken waard voor wie houdt van een frisse actie- en avonturenfilm zonder te veel ongeloof en overdreven masculiniteit. Voor de kijker die graag veel overdreven actie wil met een mannelijke hoofdrol is de film daarentegen minder geschikt, maar dat is natuurlijk ook niet waar de Tomb Raider franchise om draait. Hopelijk komt er een goed vervolg, waarin de ontwikkeling van Lara naar de supervrouw die ze ooit was verder kan worden voortgezet.

 

Lees meer

ANS leest: Dave Eggers, Zeitoun (2009)

Dave Eggers, tegenwoordig vooral bekend van The Circle (2013), weet in zijn romans op indrukwekkende wijze persoonlijke verhalen te combineren met grotere maatschappelijke kwesties. Op die manier confronteert hij lezers keer op keer met realiteiten die net voorbij het voorstellingsvermogen liggen, maar toch dichtbij genoeg zijn om binnen te komen. Zo ook in Zeitoun, dat het verhaal vertelt van de Syrisch-Amerikaanse Abdulrahman Zeitoun, die in de nasleep van de orkaan Katrina te maken krijgt met de ergste uitwassen van systematische xenofobie. Het resultaat is een roman die vandaag de dag minstens zo relevant en schrijnend is als toen het uitkwam.

Geschenk van boven
Als orkaan Katrina in het najaar van 2005 richting de Amerikaanse staat New Orleans trekt, maken de inwoners van de stad zich op voor een storm zoals er jaarlijks zoveel zijn. Naarmate de berichten ernstiger worden, besluiten steeds meer mensen om toch te vertrekken. Zo ook het gezin van Abdulrahman Zeitoun. Terwijl zijn gezin vertrekt, besluit Zeitoun echter om zelf in New Orleans te blijven, tegen alle bezwaren van zijn vrouw Kathy in. In eerste instantie vooral omdat hij denkt dat de storm wel meevalt en hij wil zorgen dat de verschillende projecten van hun aannemersbedrijfje stormklaar zijn. Zelfs nadat de stad onder water komt te staan door een overstroming besluit hij toch blijven. In een tweedehands kano peddelt hij rond, op zoek naar mensen en dieren die zijn hulp nodig hebben. Langzaam begint Zeitoun te geloven dat dit een soort goddelijke opdracht is en daarom besluit hij nog langer te blijven. Hier komt ook de grote rol die het islamitische geloof in Zeitouns leven speelt naar voren, een rode draad door de hele roman heen.

'How could he explain to Kathy, to his brother Ahmad, that he was so thankful he had stayed in the city? He was certain he had been called to stay, that God knew he would be of service if he remained. His choice to stay in the city had been God's will.'

Venijn in de staart
Zeitoun’s "missie" om mensen in de overstroomde stad te helpen gaat een tijdje goed, maar al snel kan zijn familie hem niet meer bereiken, terwijl hij wel toegang heeft tot een telefoon. Iedereen maakt zich grote zorgen gezien de verhalen in de media over moorden, overvallen en algehele anarchie in de stad. Ook de lezer blijft enige tijd in spanning, want pas na een pagina of veertig wordt het lot van Zeitoun duidelijk. Daardoor leeft de lezer mee met de wanhoop van Kathy en het geeft extra gewicht aan de uiteindelijke onthulling van wat er met Zeitoun is gebeurd. Eggers verwijst in de loop van de roman regelmatig naar de moslimachtergrond van Zeitoun en zijn familie en de problemen die dat soms met zich meebrengt in de Amerikaanse maatschappij. Maar pas tegen de climax wordt echt goed duidelijk wat het gevaar van The War on Terror en de daarmee gepaard gaande paranoia werkelijk kan zijn voor Amerikaanse burgers van buitenlandse komaf. Het is voor Zeitoun het begin van een strijd tegen een systeem waarin hij letterlijk en figuurlijk machteloos is.

Stranger than fiction
Wat het boek mogelijk extra bijzonder maakt, is dat het een waargebeurd verhaal is. Afgaande op de verantwoording en de uitgebreide bronnenlijst achterin het boek, heeft Dave Eggers veel onderzoek gedaan en daardoor heeft hij weinig aan het verhaal hoeven doen om een indrukwekkende roman neer zetten. Met behulp van foto's wordt de lezer er bovendien regelmatig aan herinnerd dat het om feiten gaat. Toch is Eggers erin geslaagd een heel eigen roman neer te zetten, met gelaagde en overtuigende personages. Op die manier sleurt hij de lezer mee en weet het beklemmende gevoel van onrechtvaardigheid goed over te brengen. Hoe kon iemand als Zeitoun zo behandeld worden? De gevoelens die het verhaal oproept, staan in groot contrast met Zeitouns eigen reactie, die relatief kalm weet te blijven onder alles wat hem overkomt. Tegen alle verwachtingen in houdt hij het hoofd boven water onder de meest extreme omstandigheden.

In het laatste hoofdstuk maakt Eggers de balans op en wordt duidelijk hoezeer Zeitoun en zijn gezin te lijden hebben gehad van Katrina. Tegelijkertijd blijkt ook dat hij qua karakter nauwelijks is veranderd. Ondanks alles is hij onverminderd optimistisch over zijn toekomst en over het land waarin hij leeft, zijn 'adopted country', zoals hij het zelf noemt. Dat is anno 2018 misschien wel de belangrijkste les van deze roman. Hoe vijandig en wreed Amerikanen soms ook mogen zijn tegenover immigranten, er zullen altijd mensen zijn zoals Zeitoun die op hun eigen manier invulling geven aan de notie van de Amerikaanse droom.

 

Lees meer

ANS leest: Duivelsdag (2019) ★★★

Stel je voor dat alles om je heen, dat je kent en dat je lief is één strook aan traditie is. De liedjes die je zingt, de dagen die je viert, het eten dat je eet. Allemaal gestoeld op tradities waar de Duivel onderdeel van is. De Duivel die om de hoek woont, zich in holen verschuilt in de winter en zich te goed doet aan alles wat beweegt in de zomer. Hij beheerst het weer in de meest extreme omstandigheden en dwingt de mensen tot gehardheid in doen en laten. Hij test ze en speelt met hun levens. Maar dat alles is een mythe, dat kan niet waar zijn. Toch?

Tekst: Karlijn van Brakel

Duivelsdag is het tweede boek van schrijver Andrew Michael Hurley die in 2014 debuteerde met The Loney, waarvan al snel een herdruk kwam en dat later zelfs in meer dan twintig landen werd verkocht. In 2016 werd het boek bekroond met de Book of the Year-prijs en daarnaast won het de Costa Best First Novel Award. Een veelbelovend vooruitzicht dus voor zijn tweede boek. Duivelsdag is een sinister boek dat laat zien waartoe mensen in staat zijn betreft familie, traditie en eigendom. Waar verhalen van vroeger toch meer zijn dan sprookjes of bangmakerij.

Nog één hoofdstuk
Duivelsdag is een horror waarin de hoofdpersoon John Pentecost elk jaar terug gaat naar zijn geboortestreek om de schapen binnen te halen. Deze keer heeft hij zijn pasgetrouwde zwangere vrouw bij zich. Ze kan maar moeilijk wennen in de met traditie doordrenkte streek. De meest obscure tradities komen naar voren en ook de houding van de mensen in het gebied de Endlands is opzienbarend. Opmerkelijk is dat het boek geen hoofdstukken heeft. De auteur heeft gekozen voor delen met de titels die gekenmerkt worden door wat er besproken wordt in dat gedeelte. Het begint met 'de Grote Sneeuwstorm', waardoor al meteen de interesse wordt geprikkeld. Maar dankzij de lange beschrijvingen in het volgende deel over het gebied van de Endlands is het erg lastig om doorheen te komen. De vele namen die erin spelen, zowel in het heden als in het verleden maken het haast nodig om een stamboom of indeling van de mensen in het gebied te hebben.

'Maar een boer in de Endlands was nooit meer dan een beheerder. Niets was ooit iemands bezit, het moest altijd worden doorgegeven.'

Op en neer springende tijdlijnen
Het verhaal wordt verteld door de ogen van John Pentecost. Op het ene moment vertelt hij over het jagen met zijn zoon Adam, het andere moment zijn we in de tijdlijn van 11 jaar geleden en even later gaan we terug naar de tijd dat John 11 jaar was. Door deze op en neer gaande tijdlijnen is het boek soms lastig te volgen. Wel zijn bepaalde koppelingen door de sprongen in de tijd gemakkelijker te leggen. Ook de verhalen die John aan de lezer verteld als achtergrondinformatie over zijn schaaphoedende voorouders, de stichters van de lokale fabriek of de man die de kerk heropbouwde nadat de monniken de Endlands hadden verlaten helpen bij de beeldvorming over het gebied waar het zich afspeelt en wat soort mensen er wonen.

Lastige struikelblokken
Ook al gaat de snelheid door de vele beschrijvingen na het eerste deel sterk achteruit en zul je de drang hebben om het boek weg te leggen, door telkens een klein tipje van de sluier op te tillen creëert Hurley nieuwsgierigheid bij zijn lezers en zet hij ze aan het denken. Wat als deze persoon nu daar mee bezig was? Is dat echt gebeurd of is dat een illusie geweest? Naast de lange beschrijvingen zijn ook de hoeveelheid namen een struikelblok om door het verhaal heen te komen. Het is dan wel een hulp als beeldvorming, maar ondertussen is het een komen en gaan van personages die niet altijd even belangrijk zijn voor het verhaal. Het inpassen van de namen gaat gepaard met de kaart van het gebied, de Endlands en van de woeste gronden, Underclough. Wel is het besef van het geheel is soms ver te zoeken. Dit maakt het moeilijk om lekker door te lezen en je helemaal het verhaal te laten zuigen.

'Tik-tak, tik-tak,' zei Grace. 'Je maakte je zorgen, of niet?' 'Pardon?' 'Dat het te laat zou zijn.'

Ontwikkeling van de personages
Het is verbazingwekkend hoe statisch of juist veranderlijk de personages in het boek zijn. Waar John door het boek heen als ik-verteller een vrij constante blijft en blijft drammen op zijn terugkeer naar zijn geboortestreek, maakt zijn vader een verandering door: van norse middelbare man tot een man die veel te lijden heeft onder het harde leven in de streek en dit probeert te onderdrukken met een grote dosis sigaretten.

Met de Duivel op de loer en de gierende wind door je haar geeft Hurley een sterk visueel beeld over de streek. Desondanks valt de spanningsboog tegen en had er meer actie en spanning in gemogen. Een kleine waarschuwing op het einde: kijk uit waar je loopt en wie je tegenkomt, de Duivel kan zo op je overspringen.

 

Lees meer

ANS leest: Echo Thomas Olde Heuvelt (2019) ★★★★

Van Radboudstudent naar bestsellerauteur: Thomas Olde Heuvelt is wereldberoemd bij fantasyfans. Zijn roman Hex – over een vloek die boven het plaatsje Beek hangt – werd meer dan 250.000 keer verkocht. In zijn sublieme nieuwste boek Echoverkent Olde Heuvelt de natuurkrachten van de bergen.

Tekst: Joep Dorna
Foto: Vincent Veerbeek

De oud-student Amerikanistiek - hij geeft er af en toe nog gastcolleges - worstelde met de druk die zijn bestsellerstatus met zich meebracht, vertelde hij in een interview met ANS. 'Ik had ontzettend het gevoel dat ik me moest gaan bewijzen met het volgende boek. Daardoor merkte ik dat ik het schrijven veel moeilijker ben gaan vinden. Die druk om het nóg beter te doen, heeft lang het ongedwongene uit het schrijven gehaald.'

Ondanks de druk is het Olde Heuvelt toch gelukt: Echo is een beter boek dan Hex. Echo is niet alleen een spannende thriller met een fantastische ontknoping, maar ook een gelaagd verhaal met fijngevoelige interactie tussen de hoofdpersonen. Daarnaast zijn sommige zinnen werkelijk subliem. Olde Heuvelt blijkt zonder twijfel als taalvirtuoos gegroeid te zijn.

Dramatische klim
Echo beschrijft de nasleep van een dramatische klim van de Zwitserse berg Le Maudit. Nick Grevers en zijn klimmaatje Augustin besluiten deze mysterieuze berg te beklimmen na door de betoverende piek gelokt te zijn. Op de berg gaat het helemaal mis: Augustin verdwijnt in de afgrond en Nick wordt ternauwernood gered. De prijs die hij voor zijn leven moet betalen lijkt in eerste instantie fysiek: Nicks gezicht is deels weggevaagd en in verband ingepakt.

Hij wordt opgevangen door zijn vriend Sam Avery, die hem in Amsterdam liefdevol verzorgt. Naarmate Nick langer weg is van de berg, gaat Sam echter steeds meer afvragen of de Zwitserse berg niet in hem is gebleven. 'Nick daar op de rand van het bed, zijn ogen groot en dof tussen die stroken verband en ze leken wel op die van Nick, maar hoe kon je dat helemaal zeker weten, als je zijn gezicht niet kon zien? Hoe kon je zeker weten dat het echt Nick was die daar zat en niet iets anders wat zich voor hem uitgaf, iets wat leekop Nick en dezelfde handen had en dezelfde joggingbroek droeg, maar in feite iets volslagen onbekends was?'

'Het lijkt soms alsof hij 666 manieren kent om angst te beschrijven'


Het zijn niet de schikmomenten in het boek die voor spanning zorgen, maar vooral deze innerlijke strijd tussen Nick en de berg. Een fascinerend krachtenspel is het gevolg, dat nog indrukwekkender was geweest als we iets meer over Nick hadden geweten. Nu blijft zijn personage,  toch de belangrijkste antagonist, soms wat aan de oppervlakte.

Naar adem happen
Wat tijdens het lezen vooral indruk maakt, is de manier waaróp alle emoties en omstandigheden worden beschreven. Olde Heuvelt, zelf bergbeklimmer, laat lezers naar adem happen op een manier waarop hij zelf ook waarschijnlijk naar adem snakt tijdens een beklimming. Het lijkt soms alsof hij 666 manieren kent om angst te beschrijven. Om een voorbeeld te noemen: 'Haar longen zwellen op als ballonnen voor de schreeuw die binnenin haar groeit, maar het is of de lucht niet meer kan ontsnappen, want als ze haar handen voor haar mond slaat is er alleen een afgeknepen gepiep te horen.'

Het hoofdthema van het boek is zowel liefde en de trouw, als de twijfel en passie die hierbij hoort. Hiervoor heeft Olde Heuvelt, zonder dat het inhoudelijke gevolgen voor het verhaal heeft, voor homoseksuele hoofdpersonen gekozen. Het is een belangrijk detail in een onmogelijk weg te leggen thriller, die hierom pas na de tentamenperiode voor elke student aan te raden is.   

 

Lees meer

ANS leest: Echo Thomas Olde Heuvelt (2019) ★★★★

Van Radboudstudent naar bestsellerauteur: Thomas Olde Heuvelt is wereldberoemd bij fantasyfans. Zijn roman Hex – over een vloek die boven het plaatsje Beek hangt – werd meer dan 250.000 keer verkocht. In zijn sublieme nieuwste boek Echoverkent Olde Heuvelt de natuurkrachten van de bergen.

Tekst: Joep Dorna
Foto: Vincent Veerbeek

De oud-student Amerikanistiek - hij geeft er af en toe nog gastcolleges - worstelde met de druk die zijn bestsellerstatus met zich meebracht, vertelde hij in een interview met ANS. 'Ik had ontzettend het gevoel dat ik me moest gaan bewijzen met het volgende boek. Daardoor merkte ik dat ik het schrijven veel moeilijker ben gaan vinden. Die druk om het nóg beter te doen, heeft lang het ongedwongene uit het schrijven gehaald.'

Ondanks de druk is het Olde Heuvelt toch gelukt: Echo is een beter boek dan Hex. Echo is niet alleen een spannende thriller met een fantastische ontknoping, maar ook een gelaagd verhaal met fijngevoelige interactie tussen de hoofdpersonen. Daarnaast zijn sommige zinnen werkelijk subliem. Olde Heuvelt blijkt zonder twijfel als taalvirtuoos gegroeid te zijn.

Dramatische klim
Echo beschrijft de nasleep van een dramatische klim van de Zwitserse berg Le Maudit. Nick Grevers en zijn klimmaatje Augustin besluiten deze mysterieuze berg te beklimmen na door de betoverende piek gelokt te zijn. Op de berg gaat het helemaal mis: Augustin verdwijnt in de afgrond en Nick wordt ternauwernood gered. De prijs die hij voor zijn leven moet betalen lijkt in eerste instantie fysiek: Nicks gezicht is deels weggevaagd en in verband ingepakt.

Hij wordt opgevangen door zijn vriend Sam Avery, die hem in Amsterdam liefdevol verzorgt. Naarmate Nick langer weg is van de berg, gaat Sam echter steeds meer afvragen of de Zwitserse berg niet in hem is gebleven. 'Nick daar op de rand van het bed, zijn ogen groot en dof tussen die stroken verband en ze leken wel op die van Nick, maar hoe kon je dat helemaal zeker weten, als je zijn gezicht niet kon zien? Hoe kon je zeker weten dat het echt Nick was die daar zat en niet iets anders wat zich voor hem uitgaf, iets wat leekop Nick en dezelfde handen had en dezelfde joggingbroek droeg, maar in feite iets volslagen onbekends was?'

'Het lijkt soms alsof hij 666 manieren kent om angst te beschrijven'


Het zijn niet de schrikmomenten in het boek die voor spanning zorgen, maar vooral deze innerlijke strijd tussen Nick en de berg. Een fascinerend krachtenspel is het gevolg, dat nog indrukwekkender was geweest als we iets meer over Nick hadden geweten. Nu blijft zijn personage,  toch de belangrijkste antagonist, soms wat aan de oppervlakte.

Naar adem happen
Wat tijdens het lezen vooral indruk maakt, is de manier waaróp alle emoties en omstandigheden worden beschreven. Olde Heuvelt, zelf bergbeklimmer, laat lezers naar adem happen op een manier waarop hij zelf ook waarschijnlijk naar adem snakt tijdens een beklimming. Het lijkt soms alsof hij 666 manieren kent om angst te beschrijven. Om een voorbeeld te noemen: 'Haar longen zwellen op als ballonnen voor de schreeuw die binnenin haar groeit, maar het is of de lucht niet meer kan ontsnappen, want als ze haar handen voor haar mond slaat is er alleen een afgeknepen gepiep te horen.'

Het hoofdthema van het boek is zowel liefde en de trouw, als de twijfel en passie die hierbij hoort. Hiervoor heeft Olde Heuvelt, zonder dat het inhoudelijke gevolgen voor het verhaal heeft, voor homoseksuele hoofdpersonen gekozen. Het is een belangrijk detail in een onmogelijk weg te leggen thriller, die hierom pas na de tentamenperiode voor elke student aan te raden is.   

 

Lees meer

ANS leest: Gerjon Gijsbers, Scheuren in het canvas (2017)

Scheuren in het canvas gaat over de zoektocht naar liefde, naar de zin van het leven, maar vooral naar een groen douchegordijn met oranje stippen. In zijn autobiografische debuutroman beschrijft Gerjon Gijsberts (1983) het chaotische leven van Luctor, die zijn grip op de realiteit verloren heeft en krampachtig vasthoudt aan zijn herinneringen aan zijn verloren vriendin Laura.

Onbeantwoorde raadsels
Luctor leidt een leeg bestaan. Hij houdt niet van sociale interactie en zijn tijd brengt hij voornamelijk door met kijken naar De Wereld Draait Door. Zijn leven wordt beheerst door opmerkelijke raadsels waar hij geen antwoord op kan vinden, zoals de vraag 'wat is zwaarder, een kilo veren of een kilo lood?'. De raadsels leiden allemaal naar het grootste mysterie in zijn leven: Laura. Hoewel niet duidelijk wordt verteld wie zij precies is, wordt al snel duidelijk dat Laura en Luctor een lange geschiedenis hebben. Kort geleden is zij uit zijn leven verdwenen en dit zorgt voor grote chaos in zijn hoofd.

In zijn zoektocht naar geluk en de zin van het leven lijkt Luctor steeds meer het contact met de werkelijkheid te verliezen. Herinneringen, zoals een uit de hand gelopen studentenfeestje, een concert van PJ Harvey in Paradiso en zijn obsessie met Laura nemen langzaam de overhand, tot hij uiteindelijk nog maar moeilijk onderscheid kan maken tussen wat er echt gebeurt en wat hij droomt. Naar eigen zeggen moet hij herstellen, maar waarvan precies en hoe hij dat gaat doen, is hem een raadsel. Hij besluit te stoppen met zijn studie om rust te nemen, maar vanaf daar gaat alles alleen maar verder bergafwaarts.

Zeilmeisje Laura en Vincent Gallo
Gijsberts heeft in het verleden Nederlandse Taal en Letterkunde in Nijmegen gestudeerd en het is goed te merken dat hij erg zijn best heeft gedaan een literair werk te maken van zijn boek. Het verhaal is opgedeeld in drie delen, genaamd rood, geel en blauw. Deze kleuren komen ook terug op de kaft, in het schilderij Who's Afraid of Red, Yellow and Blue van Barnett Newman. De strakke structuur waarin het verhaal geschreven is staat haaks op het chaotische leven dat Luctor leidt. Niet alle literaire kunstjes zijn even vlot uitgewerkt. Zo staat er wel erg vaak een nummer op waarin de zanger over 'Laura' zingt, staan tijdens een potje Scrabble de letters als 'OOLAURA' op het bord en komt er op de radio toevallig een nieuwsbericht langs over zeilmeisje Laura. Daarnaast bevat het verhaal veel motieven, zoals het steeds terugkomende douchegordijn, pompoenen en Snickers, waar geen echte betekenis achter lijkt te schuilen. Toch worden deze raadselachtige symbolen tot in den treure herhaald. 

'Ik ben een tor, dacht Luctor. Een tor, niets meer en niets minder, kruipend en kronkelend door de krochten en spelonken van de moderne maatschappij. Te lui om zijn vleugels uit te slaan en als het hem al zou lukken zijn vleugels uit te slaan, dan is hij te log om zich ermee te verplaatsen.'

Films en muziek spelen een grote rol in Luctors leven. Hij is er zelfs dusdanig door gefascineerd dat hij vaak praat in citaten uit films. Voor wie geen kenner is van experimentele rockmuziek, is Scheuren in het canvas lastig te volgen. Meer dan eens worden worden er pagina's lange odes gewijd aan de muziek van John Frusciante of PJ Harvey en ook The Smashing Pumpkins worden in vrijwel elk gesprek dat Luctor heeft genoemd. Regisseur en muzikant Vincent Gallo is Luctors grootste voorbeeld. Je kunt haast geen pagina omslaan of er wordt gesproken over Gallo's briljante muziek of geciteerd uit zijn film Buffalo 66.

Hoe verder het verhaal vordert, hoe meer Luctor de realiteit verwart met herinneringen en dromen. De hoofdstukken in het verhaal vormen geen vloeiende aaneenschakeling van gebeurtenissen, maar springen vaak van de hak op de tak. Hoewel dit goed laat zien hoe Luctor de wereld ervaart, gaat het ten koste van de leesbaarheid van het verhaal. Bovendien is het door de verwarrende structuur lastig te achterhalen wat Luctor zo dwarszit en waarom hij zijn leven zo chaotisch ervaart.

Eindoordeel
Gijsberts heeft duidelijk veel stijlfiguren in Scheuren in het canvas verwerkt, maar deze komen niet allemaal even goed tot hun recht. Doordat werkelijkheid en waanbeelden vaak door elkaar gehaald worden, is het moeilijk vast te stellen waar de schrijver naartoe wil en de talloze gesprekken en verwijzingen naar films en muziek maken het er niet makkelijker op. Door het verhaal heen komen een aantal onderwerpen, zoals pompoenen en het douchegordijn steeds terug, maar er wordt geen antwoord gegeven op de vraag wat deze nu voor Luctor betekenen en waarom nou juist deze voorwerpen steeds terugkomen. Kortom, Scheuren in het canvas is geen boek dat je op een vrije zondag gaat lezen en het is ook zeker niet geschikt voor mensen die niet tegen onbeantwoorde vragen kunnen.

 

Lees meer

ANS leest: Griet Op de Beeck, Gezien de feiten (2018)

Na Dimitri Verhulst, Esther Gerritsen en Herman Koch mocht de Vlaamse schrijver Griet Op de Beeck dit jaar in de pen klimmen om het jaarlijkse Boekenweekgeschenk te schrijven. Het resultaat is de novelle Gezien de feiten, waarin enorm veel gebeurt, maar echte zeggingskracht ontbreekt.

Haastige spoed
In Gezien de feiten walst Op de Beeck in rap tempo door het plot van haar novelle heen. De hoofdpersoon, de 71-jarige Olivia, realiseert zich kort na de begrafenis van haar overleden man Ludo dat ze eerder opluchting voelt dan rouw. Haar huwelijk ervoer ze als beklemmend, alsof ze nooit haar eigen ding heeft kunnen doen. Nu haar man onder de grond ligt kan ze na negenenveertig jaar eindelijk doen waar ze zelf zin in heeft. Daarom vertrekt ze zes weken naar een niet nader gespecificeerd land Afrika om daar les te geven. Al snel ontmoet ze de iets jongere Daniel, een charismatisch en knappe man met wie ze meteen een klik voelt. Ze ontwikkelen een relatie, waar haar dochter Roos fel op tegen is. Olivia gaat te snel door na het overlijden van Ludo en bovendien is Daniel ongetwijfeld uit op een verblijfsvergunning en op Olivia's spaargeld, zo luidt het oordeel. Ondanks de grote tijdsprongen tussen de hoofdstukken veranderen de personages nauwelijks. Olivia blijft het hele boek door een verliefde puber en Roos is een racistische kenau zonder greintje nuance. Aan het eind van het boek wordt uit het niets een inreisverbod ingesteld als gevolg van klimaatverandering. Het thema van de Boekenweek, natuur, moest in dit sappige liefdesverhaal namelijk ook nog ergens terugkomen.

When words fail
Op de Beeck probeert veel. Haar boek is enerzijds een liefdesverhaal tussen twee mensen, maar richt zich anderzijds op maatschappelijke thema's als klimaatverandering en de schending van mensenrechten. Helaas zijn beide kanten van het verhaal slecht uitgewerkt. Het liefdesverhaal is ronduit cliché en de manier waarop Olivia en Daniel met elkaar communiceren is pijnlijk om te lezen. Daniel hoeft enkel 'I worry about you' te zeggen en Olivia meent direct dat 'er nog nooit iemand zo oprecht bezorgd om haar was geweest'. Als de communicatie niet verloopt in zoetsappige uitspraken die thuishoren in een supermarktnovelle, is dat omdat personages de moeite niet eens nemen om hun zinnen af te maken (of überhaupt iets zinnigs te zeggen). Zinnen als 'But it's…', 'This country…', 'Sometimes I just…' gaan na een paar hoofdstukken behoorlijk de keel uithangen. Olivia meent dat ze nog nooit zo goed met iemand heeft kunnen praten als met Daniel, maar die bewering is behoorlijk nietszeggend, gezien de standaarden van communicatie blijkbaar gewoon heel laag liggen.

Het getuigt van pure laksheid dat Op de Beeck niet eens de moeite neemt om het land waar haar verhaal zich afspeelt te benoemen.

Op andere momenten is de manier waarop Op de Beeck het gevoelsleven van haar personages beschrijft gewoonweg niet genoeg om de lezer te overtuigen. 'Ze spraken over het land, met al zijn problemen en schoonheid, over Mori en wat hem is overkomen, over de dingen waar ze blij van werden, en triest, over momenten waarop ze zichzelf onsterfelijk belachelijk hadden gemaakt, over de kinderen die ze waren geweest en hadden gekregen, en waren verloren, in zijn geval', zo schrijft Op de Beeck bijvoorbeeld. Maar in welk land zijn ze dan precies? En welke problemen spelen daar? Wat is Mori, een van de kinderen die door Olivia wordt onderwezen, overkomen? Wat maakt hen blij en triest? Enkel benoemen dat iets zo is, is niet genoeg om het verhaal aannemelijk te maken voor de lezer. Het getuigt van pure laksheid dat Op de Beeck niet eens de moeite neemt om het land waar haar verhaal zich afspeelt te benoemen en de problemen die daar spelen uit te zoeken.

Excuus-engagement
Daarnaast is de maatschappelijke betrokkenheid in het verhaal eerder een weggemoffeld thema dat toevallig ook benoemd moest worden, dan een daadwerkelijke poging tot engagement. Als Mori plots een woede-uitbarsting krijgt, is dit vooral voordelig voor het liefdesverhaal. Olivia valt namelijk flauw en dit tragische voorval werkt als een katalysator voor haar relatie met Daniel. Wat Mori precies is overkomen waardoor hij regelmatig zulke uitbarstingen krijgt, is niet belangrijk en wordt enkel abstract benoemd. Zo passeren talloze namen van kinderen en inwoners van het land waar Olivia verblijft de revue, maar nooit met hun eigen verhaal. Alleen de uitwerking die hun tragiek op Olivia's gevoelens heeft, telt. Klimaatverandering en regionale onrust zijn eerder een obstakel tussen haar en Daniel dan een probleem dat zich verder uitstrekt dan hun liefde.

Gezien de feiten is daarom, ondanks de vele gebeurtenissen die in slechts 94 pagina's plaatsvinden, een nietszeggend werkje. De liefdesgeschiedenis van de hoofdpersonen is cliché en vervelend beschreven, de personages maken nauwelijks ontwikkelingen door en gedragen zich als pubers die nog meer stamelen, op hun lip bijten en naar adem happen dan Bella uit Twilight. Het engagement voelt als een lafhartige manier om het plot de schijn van gewichtigheid te geven. Gelukkig heeft het boekje nog een nevenfunctie: op zondag kan je er gratis mee reizen. Een schrale troost.

 

Lees meer