Kennis of kletspraat: Sportdag dinsdag

Goed in cijfers, minder in geschiedenis

Nijmeegse kroegen, de rector magnificus van de Radboud Universiteit en de infrastructuur op de campus. Hebben de aankomende studenten hun kennis over Nijmegen en de RU op peil of moeten ze nog wat vaker Wikipedia bezoeken? Tijdens de introductieweek legt ANS een aantal vragen over hun toekomstige woon- en studieplaats Nijmegen voor aan verschillende introgroepjes.

Op dag drie van de introductie wordt het bier even aan de kant gezet voor een zogenaamd gezondere activiteit: de sportdag. Buiten het Elinor Ostromgebouw zit de nieuwe lichting van International Business Communication in de zon te wachten op hun volgende wedstrijd. Na enig aarzelen stappen drie studenten naar voren die denken het een ander te weten over Nijmegen.

Vraag 1: Kunnen jullie vijf kroegen in Nijmegen opnoemen?
'El Sombrero', zegt de Duitse student Konstantin direct. Daarna valt het even stil, terwijl Yannick nadenkt. 'Malle Babbe, Drie Gezusters, Riley's', klinkt het uiteindelijk snel achter elkaar. Konstantin probeert nog een duit in het zakje te doen. 'Is Ovum Novum een kroeg?' Yannick neemt het snel weer over om hun groepje naar de eindstreep te krijgen: 'Bascafé, De Fuik, Van Rijn.'

Vraag 2: Hoe hoog is het Erasmusgebouw?
Met cijfers hebben de businessstudenten duidelijk geen enkele moeite. 'Ongeveer tachtig meter, 88?' zegt Yannick zonder moeite. Ook het tweede antwoord is een schot in de roos.

Vraag 3: Hoeveel kost een sportkaart?
Bij de derde vraag blijkt opnieuw dat de mannen hun cijfers kennen. 'Honderdtwintig', suggereert Yannick. 'Nee, 108', verbetert Koen hem snel. Dat is wederom precies goed, de ijverige studenten hebben duidelijk goed opgelet tijdens de voorlichtingsrondes.

Vraag 4: Wat is de straattaalnaam voor Nijmegen?
Het goede antwoord is snel gevonden. 'Nimma', verklaart Yannick zonder aarzelen. Dat klopt, maar de student heeft meer ideeën. 'Of Nimsko, net zoals ze Amsterdam Damsko noemen.' Deze nieuwe benaming is vooralsnog niet echt aangeslagen, maar Yannick zegt hard zijn best te gaan doen om deze naam te introduceren.

Vraag 5: Wie was Radboud en wanneer leefde hij?
Bij het horen van deze vraag kijken ze elkaar beduusd aan. 'Het klinkt als een professor of zoiets', oppert Koen. Dat is niet goed, dus Konstantin besluit het antwoord in een iets andere hoek te zoeken en gokt dat Radboud een wetenschapper was. Helaas, de Radboud naar wie de universiteit is vernoemd, is een Utrechtse bisschop die rond 850 na Christus leefde en van wetenschap waarschijnlijk evenveel wist als deze studenten van geschiedenis.

Vraag 6: Hoeveel lopers doen er mee aan de Nijmeegse Vierdaagse?
'Zo'n 20.0000?' stelt Konstantin aarzelend voor. De studenten zijn verbaasd om te horen dat het er meer zijn. '30.000. Misschien 37.000', zegt Yannick. Konstantin besluit zijn oorspronkelijke antwoord een stukje naar boven bij te stellen: '60.000.' Het goede antwoord ligt ongeveer in het midden, met 41.000 lopers.

Na een sterke start lopen de kersverse studenten International Business Communication toch tegen een paar hindernissen aan bij de laatste vragen. De perfecte score die ze tot dan toe met de diverse onderdelen van de sportdag hebben behaald, zit er voor hun kennis van Nijmegen helaas nog niet in.

Kennis of kletspraat 1 groot